Overweging van Ineke van Cuijk o.p.

2 Makk. 7, 1-2 + 9-14  Lucas 20, 27-38

Thema: .... bewarend, liefde tot het 1000e geslacht ......                                                            

Vandaag krijgen wij in de lezingen verschrikkelijke verhalen te horen. In de eerste lezing worden zeven broers gefolterd en gepijnigd ter wille van hun geloof. In het Evangelie komen Sadduceeën bij Jezus met een strikvraag over zeven broers die sterven en een weduwe achterlaten zonder bij haar een kind te verwekken. Beide verhalen zijn gruwelijk te noemen. Verhalen over dood, martelingen en onvruchtbaarheid. 

Het verhaal uit Makkabeeën speelde zich af in de eerste eeuw voor Christus; een tijd van onderdrukking en geweld. Het verhaalt de gebeurtenissen uit de tijd van de Makkabese opstand tegen koning Antiochus die het jodendom wilde uitroeien, een wreed man. De Joodse bevolking wilde geen gehoor wilde geven aan de bevelen en het bewind van de vijand. Zij kregen vreselijke onderdrukking te verduren. De details die wel vermeld staan in de Bijbel zijn in de voorschriften voor de zondagsliturgie weggelaten. Het liegt er niet om. Trouw zijn aan de wet van Mozes betekent o.a. geen varkensvlees eten. Dat is in de ogen van de Joden ook een identiteit geworden. Deze broers weigeren dat met een beroep op een leven na de dood. ‘de Koning der wereld zal ons, die voor zijn wetten sterven, laten opstaan tot eeuwig leven’. 

Overweging van Hans Hamers o.p.

Wijsheid 4, 7-15; Johannes 11, 17-27

Gisteren was het 2 november, Allerzielen. Als onze gedachten dan uitgaan naar de overleden dierbaren, dan willen we ook iets doen. We gaan naar het kerkhof, om het graf van een overledene netjes te maken, of zijn bij een zegening op het kerkhof, of een Allerzielenviering. Het ligt in onze aard / natuur verborgen om te zoeken naar manieren om met onze overleden dierbaren om te gaan. Rituelen helpen daarbij, kerkelijke rituelen of gewone even waardevolle spontaan ontstane thuisrituelen.

Overweging van Willem Pelser.

2 Kon. 5, 14-17; en Lucas 17, 11-19.

Thema: De Heer heeft mij gezien.

Vorig jaar rond deze tijd was ik zo'n 14 dagen in Suriname. In  Paramaribo staat de Sint Petrus en Pauluskathedraal, van binnen en van buiten helemaal van hout opgetrokken. In de linkerzijvleugel van de kathedraal ontdekte ik het graf van Peerke Donders, evenals onze vroegere pastor Joop Vernooij redemptorist.

Peerke werkte vanaf 1 augustus 1842 in Suriname in een melaatsenkoloniegevestigd op de voormalige plantage Batavia. Aan deze eenzame, verstoten en vergeten mensen heeft hij de meeste toewijding besteed. Hij verzorgde de walgelijkste ziektegevallen, aanhoorde hun klachten en verhalen, probeerde ze op te beuren, en legde hun uit dat de zonde veel en veel erger is dan de melaatsheid. En dat God er juist op de eerste plaats voor hen was. Dat was het diepste ideaal van Pater Peerke: de mensen laten voelen dat er voor hen liefde en genade was. Ook, ja juist als anderen je opzij schoven en isoleerden, dan was in ieder geval God er voor jou. 

Overweging van Wim Rigters.

Habakuk 1,2-3. 2,2-4; en Lucas 17, 5-10.

Thema: "Geef het wachten niet op".

 “Hoelang moet ik nog roepen, heer, terwijl U maar niet luistert?”

‘Versterk ons vertrouwen.’ . . . beide lezingen vandaag beginnen met een vraag.  
Habakuk trad op als profeet na 605  voor Christus, het jaar waarin de Babylonisch kroonprins en legeraanvoerder Nebudkadnessar bij Karkemis het Egyptisch leger versloeg en daarmee het begin inluidde van de Nieuw-Babylonische overheersing. Is die  overwinning voor het Joodse volk een reden tot hoop?  . . . 

In een vertaling van Peer Verhoeven klinkt Habakuks vraag wat meer van deze tijd: “Wat zou ik me nog druk maken, Heer. Ge luistert toch niet. Al dat onrecht, het gebeurt maar. De zuivere waarheid telt niet meer; het volste recht doet er niet toe. Brutale leeghoofden zijn aan het woord; de bedachtzame wijze is de mond gesnoerd. . . . Kan dit allemaal zomaar?

Overweging van René Klaassen.

Amos 8, 4-7, en Lukas 16, 1-17.

Thema: VREDE, Wie durft?

Het overkoepelende thema van de Vredesweek is dit jaar vrede verbindt over grenzen. En voor ik deze week het houden van deze overweging overnam van Hans, zijn vader is afgelopen week overleden en begraven, zou ik gedacht hebben dat dit thema onveranderd ook voor dit uur zou zijn overgenomen. Want zie wat er zich voor mij bevindt, de linkerhand en de rechterhand van een en hetzelfde lichaam. Twee handen op één buik, samen werkend, samen biddend, denkend over vrede en vrijheid, in deze dagen wordt 75 jaar kostbare vrijheid herdacht. Bij veel van u zullen de herinneringen aan toen weer levendig boven komen deze dagen. En toch staat er dan op de voorkant van het boekje: vrede …. wie durft… En, zoals ik al zei, wanneer het een vraag is dan zullen we allemaal wel ‘ja’ als antwoord geven, anders zaten we nu niet samen hier, dan zou er onvrede tussen ons zijn en de linker en de rechter zouden elkaar niet vinden.

Overweging van Gerard Verwoerd c.m.

Exodus 32, 7-11.13; Lucas 15, 11-32.

Thema: "Ontvankelijk zijn".

..de verloren zoon die opeens ging zien .. ik heb al het geld van mijn vader

..uitgegeven .. om wat met vrouwen te hebben

..en .. een TOTAAL nieuwe gedachte: “ik zal dagloner worden van mijn vader  

..dan krijg ik alle dag .. eten en drinken .. 

..ik ben geen zoon meer van hem, ik wil bij mijn vader .. een dagloner worden.

Overweging van Kees Scheffers.

Wijsheid 9, 13-18b; Ps. 90; Lucas 14, 25-33.

Thema: "Christen zijn? Er staat veel op het spel."

     Al een aantal zondagen volgen we Jezus op zijn weg naar Jeruzalem. Nu draait hij zich om en zegt tegen ons : 

Wie zijn vader of moeder, vrouw en kinderen, broers en zussen, ja zelfs zijn eigen lijf en leden niet haat, kan mijn leerling niet zijn.

In een viering wil ik graag laten zien, dat het de moeite waard is, om het evangelie van die betreffende zondag te lezen …

Maar . . . vandaag is dit wel extra moeilijk. Immers, we horen woorden die ons tegen de borst stuiten.

Wat moeten we met die woorden:  "Wie zijn vader of moeder, vrouw en kinderen, broers en zussen, ja zelfs zijn eigen lijf en leden niet haat, kan mijn leerling niet zijn".

Immers, in het evangelie gaat het toch over lief hebben?