Overweging van Koos Wilke en Ineke van Cuijk OP.

Lezingen: Genesis 15, 5-18; Ps 27; en Lucas 9, 28b-36.

Thema: Het Geloofde Land.

Beste medeparochianen,

Ik mag hier vandaag samen met Ineke onze gedachten met u delen. De lezingen gaan over het beloofde land. Ons thema deze veertigdagentijd is ‘het Geloofde land’. Is dat een essentieel verschil?

Het beloofde land. De Eeuwige stelt in Abram zijn vertrouwen. Wat zou er door hem heen zijn gegaan? In een gedetailleerd beschreven verhaal met rauwe details wordt een wat onheilspellende sfeer opgeroepen. De Eeuwige vraagt nogal wat van Abram: het beloofde land wacht op u, maar eerst zal uw volk honderden jaren ontheemd in slavernij leven. Het wordt Abram even te veel. Dat weerhoudt de Eeuwige er niet van om met hem een verbond te sluiten.

Het beloofde land. In het woord ‘beloofd’ zit nagenoeg altijd opgesloten dat iemand anders je iets toegezegd heeft. Dat kan heel groot zijn, zoals een stuk land of een grote som geld in een nalatenschap. Kleine beloften zijn al even waardevol: de belofte om voor de gezelligheid bij iemand langs te komen of iemand te helpen met een vervelende klus. Hoe groot of klein ook: beloofd is beloofd. Degene aan wie iets beloofd is gaat ervan uit dat de belofte wordt ingelost; wil er rechten op doen gelden. Je verheugt je op het inlossen van de belofte, probeert er een voorstelling van te maken. Het niet nakomen van een belofte leidt tot grote teleurstelling en kan relaties onder druk zetten. Als ik aan Thomas, mijn zoon van vier jaar, beloof dat ik na het schrijven van de overweging met hem samen duplo ga bouwen dan rekent hij daarop. Stel nu dat net op dat moment blijkt dat ik nog even langs de supermarkt zou moeten, dan zal hij dat niet begrijpen. Uiteraard worden mensen volwassen en leren we beloften minder letterlijk te nemen en vooral de bedoeling erachter te zien, maar dat maakt een belofte niet minder waardevol.

Een land toezeggen aan een volk. Een toezegging doen in de wetenschap dat er in dat land andere mensen wonen. Wat is dan de bedoeling? Moeten de mensen die nu in het land wonen vertrekken? Is het de bedoeling dat zij in vrede samen gaan leven met de nieuwe bewoners aan wie het land beloofd is? De vastenactie van dit jaar probeert mensen te helpen wiens land wordt betwist of wordt ingenomen.

In een ideale wereld ontvangen partijen elkaar met open armen. Stel dat Petrus al in het beloofde land zou wonen en direct tenten zou bouwen, dan zou dat een goede start zijn. Uit het nieuws van vandaag de dag weten we helaas dat de werkelijkheid anders is. Het beloofde land Israël is al veel langer dan vier generaties onderwerp van strijd. Vele duizenden zijn in conflicten omgekomen. 

Waarom bouwde Petrus tenten, daarboven op de berg in het evangelie? Hij werd gegrepen door het moment en de tekenen die hij ziet. Hij stelt voor om tenten te bouwen voor mensen die hij zeer hoogacht. Waarom een tent? In het evangelie staat niets meer dan “hij wist niet wat hij zei”. Wat zou hij gewild hebben? Wij mogen het zelf invullen. Zonder enige diepgang of dubbele bedoeling vraag ik me af: Wil hij gewoon gastvrij zijn? 

Aan wie het land Oekraïne beloofd is kan ik niet zeggen. Wat ik wel weet is dat er een grote stroom mensen dit land ontvlucht en onze kant opkomt. Ontheemde mensen die ooit hopen terug te mogen keren naar hun land. In de tussentijd zullen we zeker tenten voor ze bouwen – wellicht zelfs letterlijk in een bos niet ver hier vandaan. Maar als deze mensen blijvend ontheemd raken? Nemen wij hen dan op in de maatschappij? Wie maakt er dan als eerste aanspraak op een schaarse huurwoning? En voor hoeveel generaties blijft bij de mensen uit Oekraïne de wil bestaan om weer terug te keren?

Een belofte is vaak gecompliceerder dan het op het eerste gezicht lijkt. In een opkomende wolk kun je je van allerlei voorstellingen maken over beloften die aan jou zijn gedaan. Maar als de wolk opgetrokken is komt de opmerking van de Eeuwige: “luister naar hem!”. 

En vervolgens:

‘Dit is mijn Zoon, de Uitverkorene, ‘Luister naar Hem’.

Als wij kijken naar het raam dat van deze perikoop hier in de kerk en op uw boekje staat afgebeeld, zien wij Jezus in alle luister, bekleed met het Licht en de leerlingen kijken vol verwachting – zijn in de wolken. Zoals het hier afgebeeld is, lijkt het alsof zij al in een tent zitten, zo mooi omgeven, zo beschut en een mooie wolk omhult het samenzijn. Wat zou het heerlijk zijn daar te blijven, te vertoeven in een tent vrij van zorgen en pijn. Wie wil dat niet……………tijd tijde en wijle………

Maar zo werkt het niet: de uitnodiging/de opdracht: ‘Luister naar Hem’ betekent ook de uitdaging aangaan met Hem mee te trekken. En Jezus gaat weer naar beneden, daar moet het werk gedaan worden. Niet op de berg of in de wolken ligt ons geluk maar in het dal van het leven – daar zijn prachtige zonnige plekken maar eveneens schaduwen – daar waar het leven geleefd wordt. 

En dat valt niet mee vandaag de dag…………….na twee jaar ‘min of meer’ in een ruststand geleefd te hebben, zeker in het begin bang voor corona - kunnen we elkaar weer ontmoeten, mogen wij weer samen vieren op onze vertrouwde manier. En nu we dat wat achter ons kunnen laten, staat de wereld op een andere manier in brand. Hoe kunnen wij in deze situatie luisteren naar Jezus? Ik stuitte op een indringende tekst van Etty Hillesum:

Het is soms nauwelijks te verwerken en te bevatten, God, wat uw evenbeelden op deze aarde elkaar allemaal aandoen in deze losgebroken tijden. 

Maar daarom sluit ik mij niet op in mijn kamer, God. 

Ik blijf alles onder ogen zien en wil voor niets weglopen. 

Van de ergste misdaden probeer ik iets te begrijpen en te doorgronden, 

en ik probeer altijd weer de naakte, kleine mens op te sporen, 

die dikwijls niet terug te vinden is in de monsterlijke ruïnes van zijn zinloze daden. 

Ik zit oog in oog met uw wereld, God, 

en ik ontvlucht de realiteit niet – 

en ik blijf uw schepping prijzen, ondanks alles. 

Zou dit bedoeld worden met Luister naar Hem – de stem van het geweten zoals we het misschien ook kunnen zeggen – niet te snel te oordelen en te veroordelen maar proberen iets te begrijpen van soms de waanzin in onze wereld. 

Kunnen wij met zo’n blik kijken naar alles wat er om ons heen gebeurt en wat er van ons gevraagd wordt?  Dat wij ondanks alles in de schepping blijven geloven?

Abram ging vol overtuiging op weg, met vallen en opstaan, met wanhoop en moed, maar toch iedere keer vol vertrouwen op de Eeuwige, die hem beloont en uiteindelijk zijn belofte gestand doet.

De Vastenaktie ‘Je land is je leven’ vraagt van ons vooral te zoeken en te kijken naar het Geloofde Land en geen claim te leggen op eventueel ‘beloofd land’. 

De mannen en vrouwen rondom Jezus hebben veel moeten doorstaan door Hem te volgen maar zij wisten zich gesteund door het vertrouwen, de open blik van deze bijzondere man uit Nazareth. Hij ontdekte altijd weer de naakte, kleine mens waar Hij altijd voor op kwam.

Jezus, die de weg van Zijn Vader ging, mag voor ons het oriëntatiepunt zijn zodat wij in deze prachtige maar soms ook ‘waanzinnige’ wereld ons oog en oor gericht houden op de Eeuwige – 

dat wij naar Hem/naar Haar kunnen luisteren……………………