Overweging van Wim Rigters.

1 Koningen 3,5-12 en Matteüs 13,44-46.51 (vertaling Naardense Bijbel)

Thema: .... een horend hart ....

We hebben de voorbije weken er al meerdere gehoord: parabels, gelijkenissen, korte verhaaltjes uit de mond van Jezus, - over het ‘koninkrijk der hemelen’. . . . . Het ‘Koninkrijk der hemelen’ . . . die overbekende woorden, zo vaak door Jezus gebruikt, maar wat bedoelt Jezus eigenlijk ermee? Voor mijzelf heb ik besloten dat Hij ermee bedoelt: ‘Waar gaat het om in het leven?’En voor Jezus is het iets heel kostbaars: een schat, een kostbare parel, die je zomaar vindt en waarvoor je alles over hebt om in bezit te krijgen . . .

 

Het riep bij mij een andere parabel op; wellicht kent u deze ook al, maar toch: Een zekere Isaak ben Jakob uit Krakau kreeg in een droom de opdracht om naar Praag te gaan en onder de brug naar een schat te zoeken. Isaak ben Jakob leefde in grote armoe en het idee om een schat te vinden, trok hem wel aan. Hij ging dus te voet naar Praag en bereikte de brug. Maar waar moest hij gaan zoeken, die brug was zo groot. Terwijl hij zoekend rondliep, sprak een politieman hem aan en vroeg wat hij toch liep te zoeken. Isaak ben Jakob vertelde zijn droom. De politieman barstte in lachen uit. Geloof jij in dromen? Nou ik niet. Ik zal je vertellen: ik had ook eens een droom: ik moest naar een zeker Isaak ben Jakob gaan in Krakau en daar onder de kachel zou ik een schat vinden. Nou, daar trap ik niet in, hoor, al was het alleen maar omdat er in Krakau wel honderd mensen wonen die Isaak ben Jakob heten. Daar gaan zoeken heeft geen enkele zin. En weer moest hij onbedaarlijk lachen. Maar Isaak ben Jakob ging als een haas terug naar huis en vond onder de kachel in zijn huis een heel grote schat.

Hieraan moest ik denken toen ik vorige zondag ’s avonds keek en luisterde naar het TV-programma Zomergasten – een behoorlijke kluif, drie uur lang, maar de moeite waard -.

De ‘zomergast’ was de 35-jarige Glenn de Randamie,– meer bekend als rapper Typhoon. Hij vertelde openhartig over zijn zoektocht naar zichzelf en naar God en zijn ontdekkingen onderweg: “ik ben geboren met een heleboel licht, en dat moet ik delen met, uitstralen naar anderen om me heen. En ik zocht wie, wat God is, en ontdekte: God is liefde – dat woord gebruik ik liever dan ‘God’ maar dan zoals Paulus dit woord omschrijft: liefde die geduldig is, geen afgunst en zelfgenoegzaamheid kent, niet grof is en zich niet boos laat maken, geen onrecht verdraagt maar vreugde vindt in waarheid. Liefde – maar dan als werkwoord: die liefde zit in mij en moet ik doen! Hij illustreerde zijn verhaal met indrukwekkende en ontroerende filmfragmenten en sloot het af met het door Aretha Franklin gezongen Amazing Grace, . . . .

De zomergast van déze zondag - Koning Salomo – vertelt zijn ontmoeting met de Ene en daarin zijn ontdekking wat voor hem het belangrijkste is van zijn koningschap voor die talrijke gemeenschap, die niet te schatten en niet te tellen is, zó talrijk . . . En dan is het interessant te ontdekken dat bijbelvertalingen nogal eens verschillen: ik heb er een paar naast elkaar gelegd bij de tekst waar Salomo uiteindelijk kiest en God antwoord: “Geef dus uw dienaar een opmerkzame geest”, zo vertaalt de officiële Willibrordvertaling, en bij alle andere oude en eigentijdse vertalingen vraagt hij: een ‘verstandig hart’, een ‘gehoorsaem herte’, een ‘gheleert herte’, ‘an understanding heart’, ‘un coeur plein de jugement’, en in ‘De Bijbel in de omgangstaal’ luidt het: ‘Leer mij luisteren’ . . . en dat komt nog wel het dichtst bij wat wij lazen in de vertaling van Ousoren: ‘geef aan uw dienaar een horend hart’. Daar ging het Salomo dus om! Dat was het allerbelangrijkste voor hem: de kostbaarste schat waar hij alles voor over had.

“Hebben jullie dat allemaal begrepen” vraagt Jezus . . . ook ons. . . . “Daarom lijkt iedere

schriftgeleerde die leerling is geworden inzake het koninkrijk der hemelen op een mens, een huiseigenaar, die uit zijn schatkamer nieuwe en oude dingen naar buiten werpt!”

Naarmate wij thuis vaker op onze kleinkinderen mogen passen en ze geleidelijk ouder worden, haalt mijn vrouw telkens weer tig-jaar oud speelgoed van zolder, verborgen schatten die aan het licht komen en van onschatbare waarde blijken te zijn; zo oud als ze zijn, zo nieuw zijn ze voor hen.

Het Koninkrijk der hemelen lijkt op zomaar een schat in de eigen akker . . .

dichtbij, thuis, in jezelf . . . .

licht dat schijnen moet, en niet onder de korenmaat . . . .

liefde doen . . . .

met een horend hart. . . . .

Moge het zo zijn.