Overweging van Kees Scheffers.

Lezingen: Hand. 4, 32-35; en Johannes 20, 19-31.

Thema: Geloven is een weg, soms een weg van vergeven.

Het gaat vandaag over drie onderwerpen.

1. Vergeven,

2. Geloven,

3. Het samen komen van christenen. 

Zalig zij, die zonder gezien te hebben, toch tot geloof komen. 

Deze uitspraak is heel bekend. Gisteren las ik hem nog in de krant.

Ook helemaal onkerkelijke mensen  hoor je deze zin wel eens zeggen.

Zalig zij  die niet zien en toch geloven. Gisteren las ik het in de krant.

Over geloven gesproken, Zou je dat niet als een weg kunnen beschouwen zoals we zeggen in het thema van vandaag

Christenen werden in de eerste eeuwen ook "mensen van de weg" genoemd. Durven wij of kunnen wij de weg van het geloof gaan ?

Als je wandelend een weg gaat, in de bergen bijvoorbeeld, dan zie je op het ene moment precies hoe de weg loopt, je ziet het doel al bijna  liggen en op het andere moment ben je alle oriëntatie kwijt en ben je bang dat je verdwaald bent. Zo is het ook met geloven. Soms geloof je heel sterk, en dan weer is het heel moeilijk om te geloven. Ze horen blijkbaar bij elkaar geloof en ongeloof.    Zou het zo ook bij de leerlin-gen zijn gegaan ? Zou het kunnen, dat de leerlingen pas in de loop van de tijd  zijn gaan geloven dat Jezus leeft ,  dat Hij is verrezen ? . . . . .

Ze voelden zich immers, om te beginnen,  heel erg schuldig. 

Ze hadden Jezus in de Hof van Olijven in de steek gelaten, hem later verloochend.

En toch, en toch, ze krijgen ervaringen, een besef, beelden,  visioenen, waarin  Jezus  hen vergeeft !!

Dat moet een grote vrede en vreugde aan hen hebben gegeven, 

dat ze gingen vertrouwen op de  vergeving, door Jezus. En door God? Ja, was dat ook niet de centrale boodschap die Jezus tijdens zijn leven had gegeven ?   Dat wij leven in de kracht van de vergevende liefde? En is dat niet wat wij  "geloven"  noemen? Het vertrouwen in de vergevende kracht van de liefde ? 

En zo zijn de leerlingen gaan beseffen , dat als hij ons nu vergeeft, 

Dan leeft  Hij dus .  Dan is zijn leven sterker dan de dood . 

Zo’n leven kent geen einde.   

Vervolgens zijn ze hun ervaringen, hun beelden, hun visioenen  

verder gaan vertellen en op gaan schrijven in mooie verhalen.

Wij noemen dat de  paasverhalen en de verschijningsverhalen.

Verhalen, die zeggen, dat hen iets is overkomen, iets 

dat boven hen uitstijgt,  een gegroeid besef van vergeving. 

Met andere woorden, eerst groeit onder hen het geloof dat Jezus hen vergeeft , dan,  dat hij leeft, en vervolgens  ontstaan  de verhalen. Geen wonder dus,  dat vandaag in het evangelie, na de begroeting,    het eerste woord van Jezus gaat over :      

vergeving  !!

Jezus zegt: "Wier zonden gij vergeeft hun zijn ze vergeven, wier zonden gij niet vergeeft, hun zijn ze niet vergeven". 

Misschien  is vergeven wel de radicaal nieuwe manier van doen, die Christenen in de toenmalige cultuur hebben ingebracht.

Vergeven is soms heel makkelijk, maar vaak  is het ook heel moeilijk. 

Toen iemand mij vroeg om vergeving kostte het me een jaar,  voordat ik die persoon kon vergeven. Blijkbaar hebben we soms tijd nodig om ons de  gave van vergeving eigen te maken. 

Aan de andere kant kun je ook zelf om vergeving willen of moeten vragen.     Dat kan een hele grote stap zijn.

Maar als je het dan kunt, en de ander vergeeft je,  dan kun je 

dat   vergeven   of   vergeven worden  soms  ervaren als een geschenk,  dat het je  gegeven wordt.

En wat de ervaring ook leert, dat is dat wanneer mensen elkaar , na grote moeilijkheden ,  vergeven,     dat er dan een groot gevoel van verbondenheid, gemeenschap kan groeien.  

Iets van dit alles kun je soms op de tv zien, bij het Familiediner.

Zoals vergeven gaat van ja   of neen  of nog niet, zo is het ook met geloven, een groeiproces. Geloven is een weg    

en soms een weg van vergeven.

Dat dit geloven niet in een keer gaat, maar een groeiproces is, dat  hoor je óók in ons evangelie-verhaal. Al in de eerste zin gaat het over vrees en gesloten deuren. Ook gesloten harten ?  

En na de eerste ontmoeting met Jezus, gekenmerkt door vrede en vreugde,  gaan   acht dagen later, de deuren toch weer op slot, uit vrees.  

Ik hoor hier iets van hun zoeken.   

Tussen vrees en vreugde ,  tussen geloof en ongeloof.  

En tegelijk is er ook het besef: je bent niet alleen op je geloofsweg. De anderen zijn er ook. En zoek je Jezus? Hij is al lang op weg om jou te zoeken, jou te vinden, jou te vergeven

Dus:  Open de deuren, open de deuren van je hart!

En nu ,Thomas. Onze tweelingbroer.  In het verhaal kan hij het niet geloven dat Jezus is verschenen. Alleen als hij de wonden van Jezus kan zien  en kan voelen, dán  zal hij het geloven. Voor Thomas geen gemakkelijk verrijzenisgeloof, geen Pasen, zonder Goede vrijdag, geen verheerlijking, zonder het lijden. Thomas wil het onrecht in de wereld serieus nemen.  We zien Thomas hier als de man die met Jezus oog en aandacht heeft voor mensen,  en die solidariteit toont met de slachtoffers, de kleinen, de misdeelden.  Zo is Thomas eigenlijk veel méér de ideále gelovige,   dan een ongelovige. Echt geloof uit zich ook in daden. Bijvoorbeeld in  een vastenproject, voedselpakketten, burenhulp, amnesty , en . . .  luisteren. Ja, luisteren, want  

veel mensen  willen hun verhaal vertellen. Juist in deze tijd.   

 Niet voor niets heeft paus Franciskus deze zondag uitgeroepen tot zondag van de Barmhartigheid.

Tot slot,

waar kunnen we de verrezen Christus eigenlijk vinden  ??? 

En in zijn spoor, waar is geloof, vergeving, solidariteit, barmhartigheid ???  Hier in deze kerk ??  Ja, zeker, zoals in alle oprechte Katholieke en Christelijke gemeenschappen. 

Zo zou het moeten zijn. En daarom natuurlijk koos de kerk voor de eerste lezing een gedeelte uit het boek: de Handelingen van de Apostelen. Namelijk,  een van de drie beschrijvingen van de eerste christelijke gemeenschappen. 

Overigens wel heel idealistisch beschrijvingen.  Maar toch,

Kenmerken van die eerste gemeenten zijn :

  1. Er is grote eensgezindheid, , 
  2. er is het getuigenis van de apostelen, de geloofsverhalen,
  3. er is solidariteit die tot uiting komt in het delen van bezit.
  4. En tot slot, het gemeenschappelijk gebed.

Heeft dat toekomst? Samenkomen, lezen, bidden en brood breken ?

Ja, zeker, hier en daar , groeit het in kleine groepen. 

Maar soms denk ik: Ik ben benieuwd  hoe het híer over tien jaar zal zijn.  Eerst zien . . . . .

En toch, vaker denk ik óók :  waarom niet?

Samenkomen, een kaars aansteken, bijpraten, bijbel lezen, samen bidden, brood breken; 

waarom zou dat niet doorgaan?

Eventueel ook in kleine huisgemeenten,  zoals pastoor Kimman beschrijft in het parochieblad.

Hoe mooi zou dat zijn !!