Overweging van Ineke van Cuijk o.p.

Lezingen: Joël 2, 12-18, Psalm 51 en 103.

Thema: VIERING VAN OMMEKEER.

Psalm 51 is ‘de’ vaste psalm voor Aswoensdag. Een psalm vol schuld en spijt. Zo aan het begin van de Veertigdagentijd krijgt deze psalm een eigen kleur. Hij is gecomponeerd door de gebeurtenissen rondom David en Batseba. Wat David gedaan heeft, zich een andere vrouw toe-eigenen en haar man laten doden (2 Sam. 11 e.v.) is natuurlijk ook een hele grove misstap. Pas na het verhaal van Nathan (over het lammetje - dat de rijke zich toe-eigent van de arme) gaan de ogen van David open. Hij is zich ervan bewust welk onrecht hij heeft bedreven en hij heeft spijt – oprecht spijt: ‘ik besef wat ik misdaan heb, mijn zonde zelf klaagt mij aan. Wees mij genadig, in uw overstromende barmhartigheid.

Bij de profeet Joël gaat het om het volk dat zijn relatie met God verbreekt. God staat voor die relatie. En vandaar iedere keer die oproep ‘Keer u om naar Mij met heel uw hart, vastend, wenend en rouwend. Scheur uw hart niet uw kleren’… het gaat om een toewending naar God zelf. Hij is genadig en liefdevol, geduldig en trouw, en tot vergeving bereid.

De Veertigdagentijd is een periode bij uitstek om ons te bezinnen, te ont-haasten, ons terug trekken in onze binnenkamer en God alle ruimte te geven. En al zijn wij in deze corona-tijd al meer aangewezen op ‘terug trekken’ wellicht kunnen het nu dagen van bezinning worden. Het lukt ons niet altijd om voluit te leven als een mens – zoals door God bedoeld. Dat kan niet, dat hoeft niet – wij zijn maar ‘mens’ – maar wel een Geliefd Kind van God.

Wij zijn kwetsbare mensen, gemaakt uit het stof van de aarde, naar Gods beeld en gelijkenis. 

Soms spoorloos, verdwaald in het leven, soms verdwaald in duisternis, zoekend naar de zin van ons bestaan. Wij willen nadenken wat het betekent ‘gelovige’ / Christen te zijn, in het spoor van de Gezalfde en daartoe worden wij vandaag getekend met as.

Dat is geen magisch gebeuren, die as doet op zichzelf niets met je. Die as is een symbool. Een symbool om uit te drukken dat je het aandurft: terug naar af, bezinnen op je eigen bestaan, wellicht het aandurft om je om te draaien. Dat je niet bang bent jezelf en je leven eerlijk in de ogen te kijken.

Als je alle franje van het leven, waarmee je je bestaan oppoetst, weghaalt, wat blijft er dan nog over? Die vraag durven stellen, kijkend, zoekend, twijfelend – in dat besef worden wij met as getekend, bekruist.

Wij worden getekend omdat wij open staan voor dat besef.

Wij worden getekend omdat er al iets met ons gebeurd is. Wij hebben de bereidheid om te kijken wie wij zelf zijn, zonder franje, zonder opsmuk. En dan de Levende te vragen:

Ga met mij in dit leven om aandacht te hebben voor alles en iedereen. 

Als je bereid bent om je te bezinnen op je geloof en je bestaan, beginnend bij wat er nog over is als alles weggebrand is: as. Geen dode as, maar as waaruit nieuw leven kan verrijzen, zoals na een bosbrand de natuur altijd weer overweldigender terugkomt. 

Ontvang vandaag een klein kruisteken van as dat u/jou/ons op weg wil zetten naar Pasen. Het spoort je aan om in de komende 40 dagen in kleine tekenen groot te worden. 

Moge het zo zijn, Amen.