Overweging van René Klaassen.

Lezingen: Jesaja 60, 1-6; Psalm 72; en Mt. 2, 1 – 12 

De woorden koning en  koningschap vallen in de kersttijd vaak. Hoogtepunt ? de echo hangt nog in de lucht van wat we in de kerstnacht met alle kracht die er in vier stemmen kan zitten hebben gezongen …. Koning van de vrede … ! 

De oude profeten en in heel het oude testament hebben ze, de schrijvers, het vaak over dit koningschap, dat al zo lang verwacht werd. Een voorbeeld ? ..  ter ere van Kees Keijsper, we zegenen straks zijn tegel in de voer in ….  lees ik u graag een stukje psalm als bewijsstuk voor uit : 

Psalm 72: 

God, laat deze koning goed regeren, 
met recht en met beleid.
Wil hem uw wijze regels leren
en uw gerechtigheid.
Dan zal uw volk in vrede leven, 
dan wordt er recht gedaan: 
verdrukten zal hij redding geven,
verdrukkers pakt hij aan.

Het land leefde al een hele tijd onder het juk van de Romeinse overheersing en dat riep natuurlijk allerlei herinneringen op aan eerder tijden. Het joodse volk verlangde naar een nieuwe koning … maar nog meer naar bevrijding …. Er was immers ooit een verlosser beloofd, een Messias, die alles in één zou zijn : alle onrecht uit de wereld, nooit meer oorlog, nooit meer honger, vrede en gerechtigheid voor altijd … kortom hij zou Utopia brengen.

En wanneer het dan allemaal gebeurt en de vier evangelisten erover gaan verhalen, lezen we bij Marcus helemaal niets over de geboorte. Een andere evangelist, Johannes laat het leven van die Messias, net als Marcus, als hij al volwassen is. Hij is dan door zijn woorden ‘de vlees geworden vervulling van de belofte’, waar ik het over had. Bij weer een andere evangelist, Lucas speelt het verhaal in Bethlehem zich af met alleen engelen en herders als getuigen. 

Het is Mattheus, die ons het meest gedetailleerde verslag geeft van de gebeurtenissen in Bethlehem. Het is bij hem een soort extra hoofdstuk achter de geboorte aan.

De rol van de drie ‘magiërs uit het oosten’, want dat zijn de woorden die Mattheus zélf voor deze mannen gebruikt, wordt door hem niet uitgewerkt. Maar hun volkomen onverwachte komst naar Israël en hun bezoek aan het paleis van koning Herodes en aan de stal in Bethlehem heeft ze uiteindelijk wél tot hoofdrolspelers van het kerstverhaal gemaakt. Ze hebben al sinds de ontstaansgeschiedenis van het gebruik van kerstgroepen in kerken , kloosters en woningen van mensen hun plek gehad. Gewoonlijk zijn ze fraai en rijk uitgedost en hebben ze geschenken bij zich die alleen maar van rijke afkomst getuigen …. nergens staat of ze per boot of per trein gereisd hebben, maar in elke kerstgroep staat hun vervoermiddel afgebeeld als een dromedaris of kameel, nog liever drie … 

Doordat ze zich gelijk stelden aan koning Herodes hebben we wellicht de term koningen voor ze bedacht. Maar in de kern moeten we erkennen, dat ze magiërs waren, mensen met veel kennis van oude waarden, verhalen en boeken. Omdat ze op pad gaan en een ster gaan volgen, is wel van ze gezegd dat ze sterrenkundigen waren. Mensen die aan de stand van sterren dingen konden aflezen. Veranderingen in patronen kondigden in hun beleving belangrijke gebeurtenissen aan. Ze waren voorspellers? Ze moeten vertrouwen en geloof gehad hebben in hun eigen kennis en wijsheid, want anders waren ze nooit erop uit getrokken in het besef dat ze misschien wel niet meer thuis zouden komen. de sterren waren hun kompas …

Uit de woorden van Mattheus vernemen we vervolgens de ware kennis over de mannen. Ze zijn erg wijs! Op de eerste plaats concluderen we dat uit hun opmerking : waar is de pasgeboren koning van de joden? Ze weten van de geboorte, ze weten van de plek, ze weten van het koningschap en ze weten dat het net gebeurd moet zijn, er staat pasgeboren … niemand kan ze dat verteld hebben. Ze wisten het.

Vervolgens blijkt hun wijsheid uit hun kennis over het boek Jesaja. Ze lijken het wel van buiten te kennen wanneer ze Herodes antwoord geven op diens vraag waar dan wel die Joodse Messias zou zijn geboren? ….. Zo immers staat er geschreven bij de profeet Jesaja    ….. Er volgt een letterlijk citaat uit Jesaja , …letterlijk uit de bijbel voorlezen ….    “ maar dat kan Mattheus natuurlijk ook zelf hebben opgezocht toen hij de tekst schreef…”!,  hoor ik u denken …. 

Voor mij doet het niets af aan het feit dat het de wijsheid van de heren onderstreept. Ten slotte is er ook nog een derde en vierde punt dat hun wijsheid versterkt : ze vinden wat ze naar op zoek waren op een onooglijke plek, een stal, een armoedig onderkomen van herders en dieren. Het kind ligt in een kribbe. Zelfs dat maakt ze niet achterdochtig. Ze zijn zeker van hun zaak en laten er de meegebracht geschenken achter in het vertrouwen dat ze op de goede plek zijn. ze vertrouwen op hun kennis en wijsheid. Wij zouden zeggen: “ze gaan uit van eigen kracht!” En ten slotte ze horen in een droom van Gods wege …. Wie van ons zou zo’n droom direct herkennen wanneer het ons zou overkomen? … dat ze in geen geval terug moeten naar Herodes en zo moeten vertrekken dat hij er niets van merkt …  ook nu volgen ze in hun wijsheid dit advies op … !

Tot slot heb ik ook nog een boodschap van wijsheid voor ons allemaal. We weten heus wel dat we, wanneer we onbezonnen aan iets nieuws beginnen we de mist in gaan. Geen kerstmaaltijd slaagt wanneer we niet eerst een goed recept hebben en de juiste boodschappen hebben gedaan. Wijsheid gaat vergezeld van bedachtzaamheid, behoedzaamheid en voor en tegen , tegen elkaar afwegen. Wij kunnen alleen maar op onze eigen plaats in de wereld , in onze eigen verantwoordelijkheid gesteld een wijs mens zijn wanneer we , om het nog even in koninklijke sfeer te houden, regeren met recht en beleid. Wanneer we leven aan de hand van wijze regels en gerechtigheid. Wanneer we het opnemen voor verdrukten en recht doen aan rechtelozen, dan zal recht worden gedaan en dan pas zal de wereld leven in vrede. De drie magiërs, wijzen, koningen ….  hebben in hun voorbeeldrol in het kerstverhaal die weg voor ons open gelegd … wij hoeven ze alleen maar te volgen …. de ster achterna …. 

Moge het zo gaan.