Skip to main content

Kerkwiki

In deze kerkwiki worden veel woorden, gebruiken en voorwerpen uit de rooms-katholieke kerk nader uitgelegd.

Veel woorden en namen van gebruiken en voorwerpen hebben een Griekse, Hebreeuwse of Latijnse achtergrond, dit omdat het rooms-katholieke geloof in de Romeinse tijd ontstaan is, voortkomend uit het Jodendom.

In de toelichting wordt vaak verwezen naar andere termen. Deze zijn oranje van kleur en door erop te klikken wordt de toelichting op die term gevonden. 

(met dank aan Tonn de Jong voor de initiële samenstelling van deze kerkwiki)

Index

A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X - Y - Z


     

A

Aanbidding
Wanneer het Heilig Sacrament centraal staat in een gebedsviering spreken we van Aanbidding (Witte Donderdag). Aanbidding is een manier om onze liefde te tonen voor de aanwezigheid van Christus in de eucharistie. We kunnen Hem vergeving vragen, Hem beschouwen of Bijbelse en christelijke meditaties houden.     
terug

Absoute
De absoute is het afsluitend ritueel in de uitvaartliturgie: de lijkbaar wordt besprenkeld met wijwater en bewierookt, onder het uitspreken van begeleidende gebeden.     
terug

Acoliet
Acoliet komt van het Griekse woord "akoloutho", dat "volgen" betekent. Het is een ander woord voor misdienaar. Vroeger was het de laatste kleine wijding van de priester in opleiding. Nu is een acoliet een in de kerk aangesteld persoon, die de pastores helpt bij een viering. Hij/zij zorgt voor wierook, helpt bij het klaarmaken van het altaar voor de eucharistie, biedt wijn en water aan, haalt de ciborie, enzovoorts.     
terug

Advent
Advent komt van het Latijnse woord "adventus", dat "komst" betekent. Met het woord advent wordt de tijd bedoeld waarin we ons op kerstmis voorbereiden. In de adventstijd vallen vier zondagen. Op de eerste zondag van de advent begint een nieuw kerkelijk jaar.     
terug

Adventskrans
Een adventskrans is een ronde krans met dennengroen en vier kaarsen, die tijdens de advent wordt opgehangen of neergezet. De ronde vorm is een teken van eeuwigheid (zonder begin en einde) en het groen duidt op verwachting. Op alle vier de zondagen van de advent wordt telkens één kaars meer aangestoken op de krans.     
terug

Albe
Het woord "albe" komt van de Latijnse woorden "alba vestis", die "wit gewaad" betekenen. Het is een lang, wit misgewaad, gedragen door katholieke priesters, diakens en misdienaars.     
terug

Allerheiligen
Het hoogfeest van Allerheiligen werd in de Middeleeuwen vastgesteld op 1 november, het begin van de winterperiode, als tegenhanger van het paasfeest. Met Pasen denken we aan Jezus, die uit de dood is opgestaan: de verrijzenis. Op 1 november (Allerheiligen) en 2 november (Allerzielen) eren we alle andere mensen die ons in de dood zijn voorgegaan en voor eeuwig leven bij God, of ze nu heilig verklaard zijn of niet. Het zijn feesten waarop de kerk omziet naar alle mensen die in de hemel wonen.     
terug

Allerzielen
Allerzielen is de dag (2 november) waarop de kerk alle overleden gelovigen gedenkt, daags ná Allerheiligen (1 november). Deze dagen aan het begin van de winter, staan symbolisch tegenover het Paasfeest, dat in het voorjaar wordt gevierd.     
terug

Alpha
Alpha is de eerste letter van het Griekse alfabet. In combinatie met omega (de laatste letter) verwijst alpha naar God, die "het begin en het einde" is (Openbaring 21, 6). De letters alpha en omega staan altijd weergegeven op de paaskaars, symbool van Christus.     
terug

Altaar
Altaar komt van de Latijnse woorden "alta ara", die "hoge offertafel" betekenen. Het is meestal een stenen of houten tafel waar een altaarsteen in past. Op het altaar wordt eucharistie gevierd. In de oudste kerken werd het altaar altijd boven het graf van een martelaar gebouwd (bijvoorbeeld de Sint Pieter in Rome, boven het graf van Petrus). Later werd bepaald dat een altaar ook relikwieën mag bevatten.     
terug

Ambo
Een Ambo is de lezenaar waar vanaf tijdens de Dienst van het woord de lezingen uit de Bijbel worden voorgelezen of gezongen, en vanwaar ook wordt gepreekt.     
terug

Antifoon
Antifoon is het Latijnse woord voor "beurtzang" (ook wel "keervers", "refrein" of "voorzang" genoemd). Dit gezang leidt een psalm in, wordt eventueel tussen de verzen maar in ieder geval aan het eind de psalm weer herhaald.     
terug

Apostel
Apostel is het Griekse woord voor "afgezant". Zo werden de twaalf leerlingen die Jezus had uitgekozen en opdracht had gegeven om zijn leer te verkondigen genoemd.     
terug

Askruisje
De as voor het askruisje wordt gemaakt van verbrande palmtakjes van het vorige jaar. Deze as wordt in de viering op aswoensdag gezegend. De palmtakjes van jubel en vreugde (Palmzondag) moeten verbrand worden. Ze gaan als het ware door de dood heen, om teken te worden van het kruis, de dood en de verrijzenis.     
terug

Aswoensdag
Aswoensdag is het begin van de christelijke veertigdagentijd. Op die dag kun je een askruisje op het voorhoofd krijgen, als een teken van boete om de vastenperiode bewust mee te beleven als voorbereiding op Pasen. Aswoensdag is één van de twee verplichte vasten- en onthoudingsdagen. De tweede vastendag is Goede Vrijdag, aan het eind van de veertigdagentijd. Op beide dagen wordt van volwassen gelovigen verwacht dat zij maar één volle maaltijd gebruiken.
terug

     

B

Basiliek
"Basiliek" is (in de rooms-katholieke kerk) een eretitel voor een kerkgebouw, als blijk van erkenning en waardering voor de bijzondere betekenis die het gebouw heeft als bedevaartplaats of als grote devotie, bijvoorbeeld voor heiligen.
Meer info:
Basiliek Oudenbosch     
terug

Bediening
Het woord "bediening" is een oude naam voor drie sacramenten: het sacrament van de biecht of verzoening, de ziekenzalving en de Heilige communie. Deze werden samen ook wel "de laatste sacramenten" genoemd.     
terug

Bidden
Bidden hoort bij de mens die erkent dat er een God bestaat die zich met hem bezig­houdt. Naarmate mensen God anders beleven en ervaren zullen zij ook anders bidden. Soms kan een mens geen woorden vinden voor wat hem bezighoudt. Wie toch woorden wil gebruiken, kan terecht bij gebeden die ooit zijn opgeschreven en bewaard gebleven. Het bekendste gebed is het Onze Vader.     
terug

Biecht
Zie Boete en verzoening     
terug

Bijbel
Het woord "Bijbel" is afgeleid van het Griekse woord "biblía". Het is een bundeling van verschillende heilige geschriften. Het eerste deel van de rooms-katholieke bijbel is ongeveer gelijk aan de Joodse bijbel, dit deel wordt door ons het Eerste (of Oude) Testament genoemd. Het tweede deel gaat over het leven van Jezus en wat er daarna gebeurde, dit deel noemen we het Tweede (of Nieuwe) Testament.
Meer info:
Katholieke bijbelstichting
De nieuwe bijbelvertaling     
terug

Bisdom
Een bisdom is een kerkrechtelijk afgebakend gebied waarin een bisschop de leiding heeft. Nederland is verdeeld in zeven bisdommen, onze parochie ligt in het bisdom van ’s-Hertogenbosch. Een ander woord voor bisdom is diocees. Diocees komt van het Griekse woord "dioikêsis", dat "huishouding, bestuur of organisatorische inrichting" betekent.     
terug

Bisschop
Een bisschop staat aan het hoofd van een kerkrechtelijk afgebakend gebied dat we bisdom of diocees noemen. Bisschoppen zijn de opvolgers van de apostelen, ze zijn ook altijd priester en worden door de paus benoemd. Bisschoppen ontvangen de hoogste graad van het wijdingssacrament.     
terug

Blijde Boodschap
De term "Blijde Boodschap" is de letterlijke vertaling van het Griekse woord "euangelion (evangelie)". Dat is een eigen literair genre in de Bijbel over het leven en de leer van Jezus Christus.     
terug

Boete en verzoening
Het sacrament van boete en verzoening (vroeger "de biecht") geeft vergeving van zonden en tekortkomingen. We worden opgeroepen tot bekering en verzoening. De priester is in staat namens de kerk de zonden te vergeven.     
terug

Boom van Jesse
De boom van Jesse is een middeleeuwse voorstelling van de stamboom van Jezus. Hij staat vaak op muren en ramen van kerken afgebeeld en is gebaseerd op een tekst van de profeet Jesaja (11, 1-3). Jesse (of Isaï) is de vader van David en hij wordt voorgesteld als een slapende persoon. Uit zijn lichaam ontspringt een boom die enkele van zijn afstammelingen voorstelt. Deze boom eindigt in de voorstelling van Maria en Christus.     
terug

Brood
Brood is een eerste levensbehoefte. Tijdens zijn laatste maaltijd met zijn vrienden nam Jezus brood in zijn handen, sprak een dankgebed uit, brak hij het en gaf het hun met de opdracht dit teken te herhalen "om aan Hem te denken". Het brood voor de eucharistie wordt hostie of communie genoemd.     
terug

Brood en wijn
Brood en wijn zijn de tekenen waarmee Jezus onder ons aanwezig komt. Bij de viering van het sacrament van de eucharistie worden brood en wijn gewijd tot lichaam en bloed van Jezus.
terug

     

C

Cantor
Cantor is het Latijnse woord voor "voorzanger". Hij of zij neemt bepaalde solozang-gedeeltes in een viering voor zijn of haar rekening en intoneert de gezangen. De cantor kan zich laten assisteren door een groep zangers, die als groep "cantorij" genoemd wordt, afgeleid van het woord "cantor".     
terug

Cantorij
Een cantorij is een kerkkoor, dat geleid wordt door een cantor. Een cantorij onderscheidt zich van andere koren door zijn liturgische functie: de cantorij treedt niet op in een kerkdienst maar neemt deel aan het geheel van de liturgie.     
terug

Catechese
Catechese komt van het Griekse woord "katèchèsis", dat "mondeling onderricht" betekent. Hieronder wordt godsdienstonderwijs verstaan, het doorgeven van het geloof aan een nieuwe generatie.     
terug

Catechumeen
Een Catechumeen is een doopleerling, iemand die zich voorbereidt op het doopsel. In het woord catechumeen zit het woord catechese, het opvoeden tot geloof. Sinds 2012 begint de voorbereiding van volwassen doopleerlingen in het bisdom van ’s-Hertogenbosch in de kathedraal op de eerste zondag van de veertigdagentijd.     
terug

Catechumenenolie
Catechumenenolie, of "olie der geloofsleerlingen", wordt gebruikt bij de zegening van een catechumeen aan het begin van diens doopvoorbereiding. Deze olie wordt bewaard in een speciaal olievaatje met daarop de letters "O.C." (= Oleum Catechumenorum). Het is één van de drie heilige oliën die in de kerk worden gebruikt. Bij de doop zelf, en later ook bij het vormsel, wordt één van de andere oliën gebruikt: chrisma. De derde olie wordt gebruikt bij de ziekenzalving.     
terug

Chrisma
Chrisma is de naam van de belangrijkste zalf of olie die onder meer gebruikt wordt bij de doop en het vormsel. Het woord "chrisma" verwijst naar Christus (= de gezalfde). Chrisma bestaat uit olie, die de reinheid van het geweten voorstelt, en uit balsem, die de geur van de goede, betrouwbare naam met zich mee draagt. De olie wordt in een speciaal olievaatje bewaard (zie de afbeelding bij catechumenenolie). Het is één van de drie heilige oliën die in de kerk worden gebruikt. Mensen die gedoopt willen worden kunnen aan het begin bij de doopvoorbereiding gezalfd worden met speciale catechumenenolie.     
terug

Chrismamis
De chrismamis is de speciale viering op Witte Donderdag waarin door de bisschop de, voor het zalven benodigde, olie plechtig wordt gewijd.     
terug

Christelijke Feestdagen
Naast de feesten rond de Heer hebben ook andere dagen in het jaar een bijzondere betekenis. Dat is onder meer het gevolg van de verering van de zogenaamde "heiligen". Dat zijn inspirerende mannen en vrouwen die in de traditie van de rooms-katholieke kerk een voorname plaats hebben verworven. In het kerkelijk jaar zijn op vaste dagen feestdagen van deze heiligen ingeruimd.
De term "heilige" werd oorspronkelijk gebruikt voor christenen in Jeruzalem en Palestina (Hnd 9,13.32.41; 1 Kor 16,1; 2 Kor 8,4 enz.). Paulus paste de naam ook toe op de christenen uit de heidenen (Rom 1,7; 8,27, enz.). Later is men de naam gaan reserveren voor alleen die christenen die op een voorbeeldige manier door hun marteldood of levenswijze hadden laten zien wat het betekent om Jezus na te volgen. Zo werden zij voorwerp van verering. De eerste christenen kwamen bij elkaar op de sterfdag van een heilige en vierden eucharistie op of bij het graf van die heilige. Christenen geloven namelijk dat doodgaan niet het einde is maar het binnentreden in een nieuw leven. De "sterfdag" wordt gezien als de "geboortedag". Heiligenfeesten zijn dan ook te typeren als "geboortefeesten". Dat verklaart waarom van heiligen in de kerk meestal de sterfdag wordt gevierd. Om deze reden worden heiligen niet alleen beschouwd als "figuren uit het verleden" maar als levenden in het paradijs. Men kan tot ze bidden en om voorspraak bij God vragen. Ze worden een bindmiddel voor de geloofsgemeenschap. Ze zorgen voor de communicatie tussen de levenden en de doden. Heiligen vormen een menselijke ring rondom God.     
terug

Christus
Christus is de Griekse vertaling van het Hebreeuwse woord "Messias" en betekent letterlijk "Gezalfde". Later is men deze titel als eigennaam gaan gebruiken voor de gezalfde bij uitstek: Jezus Christus.     
terug

Christus Koning
Het hoogfeest van "Christus Koning van het heelal" wordt gevierd op de laatste zondag van het kerkelijk jaar. Ooit was dit feest bedoeld als een teken van triomf en overwinning op wetenschap en socialisme. De heerschappij van Christus moest zichtbaar zijn in de school, op het werk, in het nieuws, en vooral in de politiek.     
terug

Ciborie
Ciborie is de schaal met deksel waarin de gewijde hosties worden bewaard. Meestal staat de ciborie in het tabernakel.     
terug

Collecte
De collecte is een inzameling van de offergaven van de gelovigen. Vroeger werden deze gaven in natura ingezameld, tegenwoordig gebeurt dit door middel van geld dat in een collecteschaal of –mandje wordt gedaan. In andere culturen worden soms vruchten, groente of andere gaven naar het altaar gebracht in vrolijke processies. In eucharistievieringen vindt de collecte plaats als de tafel wordt klaargemaakt en de gaven van brood en wijn worden aangedragen (offerande). In andere vieringen, of wanneer het een extra collecte betreft, wordt de collecte gehouden bij het verlaten van de kerk. De opbrengst van de collecte is altijd bestemd voor de kerk. Dankzij dit geld en de jaarlijkse kerkbijdrage van de parochianen kan de parochie bestaan, want kerken in Nederland worden niet gesubsidieerd. Wanneer een deel van de collecte bestemd is voor een ander goed doel wordt dat vooraf aangegeven.     
terug

Communie
Communie is een samengesteld woord, dat letterlijk "eenwording" betekent (com = samen; unie = eenheid). De communie is een onderdeel van het sacrament van de eucharistie, waarbij het brood van de eucharistie wordt gedeeld. Door het te ontvangen worden we "één met de gemeenschap". De eerste keer waarop je de communie ontvangt word je speciaal voorbereid, dat wordt de "eerste communie" genoemd. Op verzoek kunnen parochianen die ziek zijn of om welke andere reden dan ook niet meer zelf naar de kerk kunnen komen, de communie thuis ontvangen. Zoals er een eerste communie bestaat, zo bestaat er ook een "laatste communie" die het viaticum wordt genoemd.     
terug

Communie thuis
De communie thuis is bedoeld voor parochianen die ziek zijn of om welke andere reden dan ook niet meer zelf naar de kerk kunnen komen. We koppelen de communie thuis aan de eerste vrijdag van de maand, waarop het feest van het heilig hart wordt gevierd. Ook kunnen bewoners van zorgcentra ’s zondags thuis de communie ontvangen, direct na de viering in de kerk.     
terug

Communio
Communio is verbondenheid of gemeenschap. Het klinkt door in woorden als communicatie en communie. Het wijst op het levensideaal van de eerste christenen en is nog altijd de basis van een geloofsgemeenschap. Naast een persoonlijk element kent een godsdienst ook altijd een gemeenschappelijk element. Communio uit zich momenteel in een bepaalde manier van op elkaar betrokken zijn, gastvrijheid, geloofsbeleving, inspiratie en de bereidheid om wat je bezit met elkaar te delen.     
terug

Concelebratie
Een concelebratie is een eucharistie waarbij meerdere priesters tegelijk voorgaan.     
terug

Concilie
Een concilie (het Latijnse woord "concilium" betekent letterlijk "samenkomst of vergadering") is een vergadering van bisschoppen. De kerk kent grote en kleine vergaderingen. Het grootste en belangrijkste concilie is een vergadering waarin alle bisschoppen van de hele wereld zijn verenigd onder leiding van de paus of zijn afgevaardigde. In dat geval wordt het concilie "algemeen" of "oecumenisch" genoemd. De afspraken en regels voortkomend uit deze vergadering hebben betekenis voor de hele kerk, ze kunnen zelfs verplicht gesteld worden voor alle gelovigen. In de loop van de geschiedenis zijn er 21 algemene concilies geweest. Het laatste was het Tweede Vaticaans Concilie (1962-1965). Andere concilies of vergaderingen worden provinciaal (per kerkprovincie) of diocesaan (per bisdom) gehouden. Ze worden, afhankelijk van het per belang, telkens anders genoemd.     
terug

Congregatie
Congregatie is een religieus instituut waarvan de leden de "eenvoudige geloften" hebben afgelegd. Congregaties zijn gesticht na 1540 (na de orde van de Jezuïeten), vaak op verzoek van de locale bisschop en zijn ook aan hem verantwoording schuldig.
terug

     

D

Dalmatiek
Een dalmatiek is het bovenkleed van een diaken. Het werd oorspronkelijk gemaakt van Dalmatische wol, vandaar de naam. Wat vorm betreft lijkt een dalmatiek op een oud-Romeinse tunica. Het grote verschil tussen een dalmatiek en een kazuifel is dat een dalmatiek mouwen heeft en een kazuifel niet. De kleur van de dalmatiek wordt bepaald aan de hand van de Liturgische kalender.     
terug

Deken
Deken komt van het Latijnse woord "decanus", dat "aanvoerder van tien soldaten" betekent. In de kerk is een deken een priester die door de bisschop wordt benoemd tot leider van een dekenaat. Een deken installeert nieuwe pastoorsen gaat bij parochies op bezoek. Hij heeft de taak om het pastoraat in zijn dekenaat te bevorderen en te coördineren.     
terug

Dekenaat
Een dekenaat is de naam voor een aantal parochies die een bestuurlijke en territoriale eenheid binnen de kerk vormen. De geestelijke die aan het hoofd van een dekenaat staat, wordt "deken" genoemd.     
terug

Diaconie
Diaconie is het verzamelbegrip binnen de kerk voor onderlinge dienstverlening en hulp aan mensen die arm, ziek of in nood zijn. Het houdt verband met het ambt van diaken. Het verwijst rechtstreeks naar Jezus, die ook altijd heeft gezegd dat hij niet was gekomen om te heersen, maar om te dienen.     
terug

Diaken
Diaken komt van het Griekse woord "diakonos", dat "dienaar" betekent. Een diaken wordt in de kerk beschouwd als drager van een ambt dat door de apostelen werd ingesteld. De eerste twaalf bisschoppen (de apostelen) kozen zeven personen uit die voor de armen moesten zorgen. Nog altijd wordt een diaken door de bisschop gewijd en ontvangt hij daarmee de derde (laagste) graad van het wijdingssacrament. Op grond hiervan treedt hij op in naam van de kerk. Een diaken neemt deel aan de drie dienende taken die er in de kerk zijn:

Sinds het Tweede Vaticaans Concilie is het diaconaat als zelfstandige wijdingsgraad hersteld en zijn er twee soorten diakens te onderscheiden: de transeunt diaken en de permanent diaken.     
terug

Dienst van de tafel
De dienst van de tafel is het tweede belangrijke onderdeel van de eucharistieviering. Terwijl de dienst van het woord de bedoeling heeft Gods heil te verkondigen, wil de dienst van de tafel deze vooral gedenken. Hierbij gaat de gedachtenis terug naar de laatste maaltijd uit het leven van Jezus, toen hij het brood nam, de dankzegging uitsprak, het brood brak en het aan zijn leerlingen gaf. Dit wordt tijdens de eucharistieviering gesymboliseerd door de gaven van brood en wijn, die bereid worden en op het altaar gezet. Kerkgangers kunnen zich bij deze gaven aansluiten door bij te dragen aan de collecte. In de dienst van de tafel is het tafelgebed het belangrijkste gebed. Dit gebed wordt ook wel de grote lofprijzing, het eucharistisch gebed of het grote dankgebed genoemd. Hierin danken we voor de aanwezigheid van Jezus in de tekenen van brood en wijn.     
terug

Dienst van het woord
De dienst van het woord is het eerste belangrijke onderdeel van de eucharistieviering. Deze dienst van het woord kan ook als een zelfstandige liturgieviering plaatsvinden. In deze dienst wordt het heil van God verkondigd in twee of drie lezingen. De eerste lezing komt meestal uit het Eerste Testament (behalve in de Paastijd) en is gekozen met het oog op de evangelielezing. De tekst wordt voorgedragen door een lector aan de ambo. Daarna volgt een gesproken of gezongen psalm, soms gevolgd door een tweede lezing door een lector, genomen uit het Tweede Testament. Voordat de dienst van het woord wordt afgesloten met een lezing uit het evangelie klinkt het alleluia. De lezing uit het evangelie is de belangrijkste van de dienst van het woord, daarom wordt het lezen ervan met gebaren van eerbied omringd, zoals kaarsen en wierook. De mensen gaan staan om er naar te luisteren.     
terug

Diocees
Zie Bisdom     
terug

Doop van de Heer
Met het feest van de doop van de Heer wordt de kersttijd afgesloten. We proberen in onze parochie op deze dag stil te staan bij onze eigen doop door tijdens de eucharistieviering een kind te dopen.     
terug

Doopkaars
De doopkaars is de kaars die tijdens de doopplechtigheid aan de paaskaars wordt aangestoken en als herinnering aan de dopeling wordt meegegeven, om ook thuis een licht te zijn voor de mensen om hem heen.     
terug

Doopleerling
Zie Catechumeen     
terug

Doopsel
Het doopsel is het sacrament van het geloof. Wie het doopsel ontvangt wordt kind van God en lid van de kerkgemeenschap. Het woord "dopen" is afgeleid van het vroegere gebruik om dopelingen onder te dompelen. Tegenwoordig wordt bij het doopsel water over de dopeling uitgegoten en wordt de geloofsbelijdenis gebeden. De dopeling wordt gezalfd met chrisma en ontvangt een doopkaars. Ouders die een kind willen laten dopen worden geacht deel te nemen aan de doopvoorbereiding.
Meer info:
doopsel.nl     
terug

Doopvont
Een doopvont (de extensie "vont" komt van het Latijnse woord "fons", dat "bron" betekent) is een bekken waarin het gewijde doopwater wordt bewaard en wat bij de toediening van het doopsel wordt gebruikt.. De doopvont bevindt zich vaak in een doopkapel, een aparte ruimte in of naast een kerkgebouw.     
terug

Drie-Eenheid
God wordt door christenen gezien als een eenheid van drie personen: Vader, Zoon en Heilige Geest. Vóór de schepping bestond Jezus al bij God de Vader en zijn geest werkt door, ook na de verrijzenis van Jezus. Daarom spreken we van God als een drie-eenheid.     
terug

Drie-Eenheid (Hoogfeest)
Op het hoogfeest van de drie-eenheid, de eerste zondag na Pinksteren (ook wel Drievuldigheidszondag of Trinitatis genoemd), wordt teruggekeken op drie grote christelijke feestdagen (Kerstmis, Pasen en Pinksteren) en viert de kerk dat God bestaat in drie personen: Vader, Zoon en Heilige Geest.     
terug

Driekoningen
Driekoningen is een andere naam voor het feest van de Openbaring des Heren     
terug

Drievuldigheidszondag
Drievuldigheidszondag (of Trinitatis) is een andere naam voor het hoogfeest van de drie-eenheid.     
terug

Duif
De duif is het symbool van de Heilige Geest én van vrede. Beide symbolen komen in de bijbel voor. Het eerste is beschreven door Matteüs (hoofdstuk 3,16). De duif met olijftak verwijst naar de vrede (Genesis 8, 11-12).
terug

     

E

Eerste communie
De eerste (heilige) communie is in de rooms-katholieke kerk de feestelijke gelegenheid waarbij iemand voor het eerst nadert tot de eucharistie. De eerste communie maakt deel uit van de initiatiesacramenten (doopsel, eucharistie en vormsel). Om praktische redenen ontvangen we tijdens een reguliere eucharistieviering alleen het teken van brood. Naast de eerste communie is er ook een laatste communie, het viaticum.     
terug

Eerste Testament
Het Eerste (of Oude) Testament is het eerste gedeelte van de bijbel. Dit deel valt ongeveer samen met de Joodse bijbel, de TeNaCh. De "T" staat voor "Thora" (onderwijs), "N" staat voor "Nebe'im" (profeten) en de "CH" staat voor "Chetoebim" (geschriften).     
terug

Eerste vrijdag
De devotie tot het heilig of allerheiligst hart van Jezus is een uitdrukking voor een specifieke spiritualiteit die in de rooms-katholieke kerk vorm krijgt. De verering van Jezus Christus krijgt vorm vanuit de liefde en barmhartigheid, die worden gesymboliseerd door Jezus' hart. Een passage uit het evangelie volgens Johannes, waar Jezus' zijde door een lans doorboord werd, waarna er bloed en water uit stroomden, speelt in deze mystieke vroomheid een grote rol. Daarbij is het hart van de gekruisigde doorboord en bron van de sacramenten en van de kerk. De devotie bestaat uit de gewoonte om de eucharistieviering bij te wonen en de communie te ontvangen op de eerste vrijdag van negen opeenvolgende maanden.     
terug

Effeta
"Effeta" betekent letterlijk "Ga open". Het is de naam van een gebed dat tot een dopeling kan worden gericht en waarin gevraagd wordt of deze zijn oren wil openen om het woord van God te verstaan.     
terug

Encycliek
Een encycliek is een brief van de paus, die rondgestuurd wordt en waarin standpunten van de katholieke kerk worden uitgelegd over geloof of zeden. Het woord encycliek komt van het Latijnse woord "encyclica", dat "rondgaand" betekent. De apostelen schreven dit soort brieven aan hun kerken aan het begin van het christendom. Het bijzondere van deze pauselijke brieven is dat de eerste woorden van een encycliek tevens de titel ervan vormen.     
terug

Epifanie
Zie Openbaring des Heren.     
terug

Eucharistie
Zie Sacrament van de eucharistie     
terug

Evangelie
Evangelie is het Grieks woord voor "blijde boodschap" (of "goede boodschap"). Een evangelie is een verhaal over het leven en de leer van Jezus Christus. Er zijn vier evangeliën in het Tweede Testament opgenomen, geschreven door de evangelisten Matteüs, Marcus, Lucas en Johannes. In de kerk wordt elk jaar afwisselend uit de eerste drie evangeliën gelezen.
terug

     

F

Feestdagen
Er zijn in de kerk veel feestdagen die een plaats op de burgerlijke kalender hebben gekregen. Belangrijke feestdagen worden hoogfeest genoemd. Gewone feesten, bijvoorbeeld gewijd aan een heilige, zijn gelijk aan een zondag. Het belangrijkste christelijke feest is Pasen.
terug

     

G

Gebed
Een gebed is een manier om contact te hebben met God. We danken God bijvoorbeeld voor het leven of het dagelijks brood. We kunnen God ook om eten, hulp of vergeving vragen. We bidden meestal rechtstreeks tot God, maar soms ook "door Christus, Onze Heer" en "de Heilige Geest".     
terug

Gebed des Heren
Zie Onze Vader     
terug

Gebedsviering
Een gebedsviering of gebedsdienst is een manier om met meerdere gelovigen samen contact te hebben met God. De viering staat de gelovige als biddend mens ten dienst. In een gebedsviering wordt vrijwel altijd een fragment uit de bijbel voorgelezen. Een gebedsviering wordt daarom ook vaak woord- en gebedsviering genoemd. Een bekende vorm van de gebedsviering is het getijdengebed.     
terug

Geest
De Heilige Geest is de derde persoon van de drie-eenheid. Mensen die geraakt zijn door Gods geest komen in beweging. Het is ermee zoals de wind. Die zie je niet maar voel je wel. Zoals de wind de takken van de bomen doet bewegen, zo is het ook met de geest van God: je voelt zijn aanwezigheid. In de kunst wordt de geest vaak voorgesteld als een duif.     
terug

Geloofsbelijdenis
Een geloofsbelijdenis is een geheel van artikelen waarin het geloof is samengevat, of een belangrijke formulering of spreuk die de kern van de religie uitdrukt.     
terug

Getijdengebed
Het getijdengebed is het officiële gebed van de kerk. Het wordt over de hele wereld op vaste tijden gebeden. Centraal hierin staan de 150 psalmen. Er worden ook lofzangen uit het Eerste en Tweede Testament gezongen en een hymne die iets zegt over de geloofsbeleving in de kerk. De belangrijkste gebedstijden zijn de lauden aan het begin van de (werk)dag en de vespers aan het einde van de (werk)dag.     
terug

God
God is de schepper van hemel en aarde, zo lezen we in de bijbel. Hij was er van het begin af aan. God heeft nog veel meer namen gekregen. Een heel bekende naam is Jahwe; met die naam maakte God zich bekend aan Mozes bij de brandende doornstruik. God werd door Jezus Abba genoemd, dat is Aramees en betekent "Vader". God de vader is de eerste persoon van de drie-eenheid.     
terug

Godslamp
GodslampDe godslamp zorgt ervoor dat er altijd een brandend licht is in de buurt van het tabernakel, om van Gods bijzondere aanwezigheid te getuigen.     
terug

Goede Vrijdag
Goede Vrijdag is de vrijdag in de Goede Week waarop christenen het lijden en sterven van Jezus herdenken. In de naam is te horen dat er naast rouw en verdriet ook al een begin van vreugde is om wat volbracht wordt: de overwinning door het kruis.     
terug

Goede Week
De Goede Week is de week vóór Pasen. In deze week wordt de intocht van Jezus in Jeruzalem (Palmzondag), zijn afscheid (Witte Donderdag) en zijn lijden en sterven (Goede Vrijdag) herdacht. Soms wordt deze week ook de "lijdensweek", "stille week" of "heilige week" genoemd.     
terug

Gregoriaans
Het Gregoriaans is de eenstemmige zangwijze die al eeuwenlang in de Romeinse liturgie wordt gebruikt, genoemd naar paus Gregorius de Grote (590-604). Met name Karel de Grote (keizer van 768 tot 814) heeft een belangrijke rol gespeeld bij de verspreiding van het Gregoriaans en de bijbehorende manier van noteren. Om de eenheid in zijn rijk te bevorderen was hij een groot voorstander van standaardisatie op zowel wereldlijk als geestelijk. Het Gregoriaans vernieuwt zich nog steeds en volgt daarbij de liturgische afspraken van de kerk. Vooral de Abdij Saint Pierre in Solesmes zorgt voor een herleving en restauratie van het Gregoriaans. Deze abdij verzorgt tal van liturgische uitgaven.
Meer info:
Abdij Saint Pierre in Solesmes
terug

     

H

Handoplegging
Het gebaar van de handoplegging vindt zijn oorsprong in de bijbel. Bekend is het verhaal uit het evangelie waarin wordt verteld hoe Jezus kinderen zegende door hun de handen op te leggen (Marcus 10,16). Dit gebaar ontstaat doordat de ambtsdrager een of twee handen over een persoon of zaak uitstrekt. Het gebaar komt bij veel sacramenten voor, met name bij het wijdingssacrament, bij de doop en het vormsel, over brood en wijn bij de eucharistie, bij de ziekenzalving en ziekenzegen.     
terug

Heilig Sacrament
Van alle sacramenten is het sacrament van de eucharistie het hoogtepunt. In de loop van de eeuwen werd de eucharistie daarom ook wel aangeduid als het Heilig Sacrament. Het sacrament kan apart vereerd of aanbeden worden. Er zijn congregaties die speciale verering hebben voor de eucharistie, zoals de Congregatie van het Heilig Sacrament of de Benedictinessen van het Heilig Sacrament. In Meerssen staat de Sint-Bartholomeus basiliek die gewijd is aan de verering van het Heilig Sacrament.
Meer info:
Congregatie van het Heilig Sacrament
Benedictinessen van het Heilig Sacrament
Vrienden van de Basiliek Meerssen     
terug

Heilige Geest
Zie Geest.     
terug

Heilige Olie
In de kerk worden drie soorten olie gebruikt, naar het gebruik aangeduid met letters OC (Oleum Cathechumenorum), CH (Chrisma) en OI (Oleum Infirmorum), voor de zalving van respectievelijk de catechumenen (doop- of geloofsleerlingen), de gedoopten of de vormelingen, en de zieken. De belangrijkste olie is het chrisma. Deze wordt ook gebruikt voor andere zalvingen, zoals die van bisschoppen, priesters, altaren, vaatwerk en klokken. Elk jaar worden deze oliën tijdens een speciale viering op Witte Donderdag (de chrismamis) door de bisschop gewijd en via de dekens verspreid naar de kerken van het bisdom.     
terug

Heiligen
Heiligen en heiligenverering zijn in de eerste eeuwen van het christendom ontstaan bij de graven van mannen en vrouwen die voor hun geloof hadden geleden en waren gestorven (de martelaren). Later werden ook andere inspirerende mensen tot voorbeeld genomen. Om deze heiligen te gedenken heeft de kerk voor ieder van hen een vaste dag op de kalender aangewezen als Christelijke Feestdag.     
terug

Hemelvaart
Hemelvaart, voluit "Hemelvaart van de Heer" genoemd, is de veertigste dag van Pasen. Het is de dag die door de drie evangelisten wordt benoemd als de dag waarop de leerlingen er alleen voor kwamen te staan. Jezus werd in de hemel opgenomen en zetelde sindsdien "aan de rechterhand van God’" zoals dat in de geloofsbelijdenis wordt gezegd. Hemelvaart is een van de weinige christelijke feestdagen (naast Kerstmis) die door de burgerlijke wet erkend is als vrije dag. Hemelvaart valt negen dagen voor het feest van de Heilige Geest: Pinksteren. Deze negen dagen (noveen) bieden ons de gelegenheid om heel bewust te bidden om de komst van de Geest: in ons hart, in de kerk en in onze wereld.     
terug

Hoogfeest
Hoogfeesten zijn feestdagen die speciaal aan Jezus of Maria zijn gewijd (zoals Kerstmis, Openbaring des Heren, Pasen, Hemelvaart, Pinksteren, Maria Boodschap, Maria tenhemelopneming enzovoorts). Een hoogfeest kan verschillende dagen duren: het hoogfeest van Pasen duurt bijvoorbeeld 8 dagen. Het Paasfeest is het hoogfeest bij uitstek, van dit hoogfeest zijn alle andere feesten afgeleid. Iedere zondag, elke eerste dag van de week, wordt het Paasmysterie van Jezus' lijden, sterven en verrijzen herdacht.
Het hoogfeest van Kerstmis duurt ook 8 dagen. Sint Jozef, Johannes de Doper, Petrus en Paulus staan dicht bij Jezus en hun feestdagen worden daarom gerekend tot de hoogfeesten van de kerk Andere hoogfeesten zijn hiervan afgeleid. De verjaardag van een kerkwijding wordt ook als een hoogfeest gevierd. Het kerkgebouw is de woonplaats van de heer. Hij komt in het tabernakel zijn tent bij ons opslaan en het gebouw is daarmee exclusief voor Christus bestemd. Op hoogfeesten wordt de liturgie plechtig gevierd. De kerk is op haar mooist aangekleed, er wordt wierook gebruikt, er schijnt volop licht en koren doen extra hun best. Op die manier wordt het een feest voor het oog, het oor en het hart.     
terug

Hostie
HostiesHostie komt van het Latijnse woord "hostia", dat "slachtoffer" betekent. Hiermee wordt het brood van de eucharistie aangeduid. Vroeger namen mensen offerbrood van huis mee, tegenwoordig wordt het speciaal gebakken. De hostie die de priester gebruikt is groter zodat hij aan de mensen in de kerk kan laten zien wat Jezus heeft gevraagd: breken en delen. Soms wordt de grote hostie in een monstrans getoond aan de gelovigen voor aanbidding of in processie meegedragen.
Meer info:
Hoe worden hosties gemaakt?     
terug

Huwelijk
In het sacrament van het huwelijk verbinden man en vrouw zich aan elkaar tot een hechte, onverbrekelijke levens- en liefdesgemeenschap. Zij doen dat door elkaar hun jawoord te geven ten overstaan van een vertegenwoordiger van de kerk.     
terug

Hymne
Een hymne is een lofzang of loflied, dat in de kerk wordt gezongen en niet uit de bijbel komt. Een bekend voorbeeld is het "Gloria" dat tijdens eucharistievieringen wordt gezongen.
terug

     

I

Ichthus
Itchius is het Griekse woord voor "vis". Het itchiusteken werd in de vroeg christelijke kerk gebruikt om aan te geven dat men christen was; het is tegenwoordig soms nog te zien op de achterkant van auto's. Het teken is ook te zien in de catacomben (de ondergrondse begraafplaatsen) in Rome. De vijf (Griekse) letters van dit woord (I-Ch-Th-U-S, ofwel ΙΧΘΥΣ) vormen een acroniem, een afkorting die als woord wordt uitgesproken. De afkorting staat voor een korte samenvatting van het christelijk geloof:
Ι = Jezus (Ιησούς)
Ch = Christus (Χριστός)
Th = God (Θεομ)
U = Zoon (Υιός)
S = Redder (Σωτηρ)
Samengevat staat er dan "Ichthus", wat kan worden gelezen als "Jezus Christus, Zoon van God, is de Redder".     
terug

Initiatiesacramenten
De initiatiesacramenten worden gevormd door de drie sacramenten waarmee iemand volledig in de kerk wordt opgenomen. Het zijn de sacramenten van het doopsel, de heilige communie of eucharistie en het vormsel. Initiatiesacramenten worden onderscheiden van genezingssacramenten (biecht en ziekenzalving) en sacramenten tot dienst aan de gemeenschap:(priesterwijding en huwelijk). De initiatiesacramenten kunnen in de loop van één viering worden ontvangen, bijvoorbeeld wanneer een volwassene toetreedt tot de kerk. Het is echter gebruikelijk dat de sacramenten in verschillende fasen van de jeugd worden ontvangen.     
terug

Intentie
Een intentie is een aan God opgedragen gebed met een speciaal doel. Je kunt bidden om heil en zegen voor elkaar, uit dankbaarheid, om wijsheid en inzicht, om geluk, voor een zieke, ter nagedachtenis van iemand die gestorven is, om vrede, ter gelegenheid van een verjaardag en vele andere gebeurtenissen. Goed beschouwd is een misintentie een offergave; men offert iets aan God in de eredienst. Vroeger werden offergaven altijd in natura geschonken, bijvoorbeeld in de vorm van brood, wijn, vruchten of olie. De gewoonte om offergaven tijdens de offerande naar voren te brengen bestaat in ons land bijna niet meer. In plaats daarvan wordt een offergave tegenwoordig gegeven in de vorm van een geldbedrag, stipendium genoemd. Voor alle duidelijkheid: dit geldbedrag is géén betaling voor de mis maar een gave, een geschenk aan God via de kerk. Het stipendium is een vrijwillige bijdrage, iemand zonder geld kan tóch aan een priester vragen voor haar of zijn intentie te bidden. Een priester is verplicht die mis op te dragen.
Wilt u een misintentie opgeven? Kijk dan hier.
terug

     

J

Jesaja
Jesaja is een Hebreeuwse naam, die "God redt" betekent, net als de naam Jezus. Jesaja is een bekende profeet. Hij zag in zijn dromen hoe zijn volk ronddwaalde in het donker maar hij zag ook uiteindelijk een helder licht schijnen. Hij droomde van een wereld waarin God weer thuis is op aarde. Ook Jezus wordt vaak profeet genoemd, omdat ook hij namens God kwam vertellen hoe wij moeten leven.     
terug

Jezus
Jezus is de Griekse vorm (Ièsóes of Ιησούς) van de Hebreeuws naam "Jesjoea" of "Jozua". Deze naam betekent letterlijk "Jahwe redt". Daarom wordt Jezus in het verhaal over zijn geboorte in het evangelie van Lucas "Redder" of "Christus" genoemd (Lc 2,11). In Jezus heeft God zich geopenbaard. Jezus wordt daarom vaak "Zoon van God" genoemd. Jezus is de tweede persoon van de drie-eenheid.
terug

     

K

Kardinaal
Kardinaal is de titel die de paus aan maximaal 120 bisschoppen kan verlenen. De kardinalen zijn de belangrijkste hoogwaardigheidsbekleders na de paus . Kardinalen helpen en adviseren de paus bij het besturen van de kerk. Ze staan aan het hoofd van een kerkprovincie of aan het hoofd van een ministerie (in de kerk "dicasterie" of "congregatie" genoemd). Na de dood of het aftreden van een paus gaan alle kardinalen jonger dan 80 jaar "in conclaaf" om een nieuwe paus kiezen. Kardinalen dragen rode kleding als teken van hun bereidheid hun bloed voor de kerk te vergieten.     
terug

Kathedraal
Het woord "Kathedraal" is afgeleid van het Latijnse woord "cathedralis". Het is de hoofdkerk van een bisdom. Het is de kerk waar de bisschopszetel (in het Latijn: "cathedra") staat.     
terug

Kazuifel
Kazuifel komt van het Latijnse woord "casula", dat "huisje" betekent. Het is het mouwloze bovenkleed van de priester tijdens de eucharistieviering. Hij draagt deze over de albe. In de loop van de tijd heeft dit kleed verschillende vormen gehad. In het begin bestond hij uit een volmaakte cirkel van stof met een halsopening in het midden, later werd hij steeds smaller en stijver, het model van een klok. Heel bekend was de zogenaamde "vioolkist", ook bekend als het “Romeinse model”, die stijf stond van het borduurwerk. De kleur van de kazuifel wordt bepaald aan de hand van de kalender van het kerkelijk jaar.     
terug

Kelk
Heilig vaatwerkDe kelk is de beker die gebruikt wordt bij de viering van de eucharistie. Samen met de pateen behoort deze tot het heilig vaatwerk dat in de kerk wordt gebruikt. Bij het Laatste Avondmaal gebruikte Jezus de bekers die op tafel stonden, waarschijnlijk van gewoon aardewerk. Later kwamen er houten en glazen kelken. In de loop der eeuwen is men deze mooi gaan versieren en van kostbaarder materiaal gaan maken.     
terug

Kerk
Kerk komt van het Griekse woord "kyriakon", dat "huis des heren" betekent. Een kerkgebouw is een gebouw waar christenen religieuze bijeenkomsten houden. Een kerk wordt ook wel "bedehuis", "gebedshuis", "Godshuis" of "tempel" genoemd. Veel kerkgebouwen zijn monumenten en in de meeste westerse steden en dorpen staat de kerk in het centrum.
Met het woord kerk kan, naast de betekenis van gebouw, ook de organisatie bedoeld worden: hierbij zijn leden ingeschreven die een (meestal vrijwillige) financiële bijdrage leveren en participeren in activiteiten zoals kerkdiensten.
Vaak wordt er op een abstracter niveau van de kerk gesproken, de kerk als instituut of als geloofsgemeenschap. Deze betekenis wordt bijvoorbeeld gebruikt als gesproken wordt over de scheiding van kerk en staat.     
terug

Kerkelijk jaar
Het kerkelijk jaar (ook wel liturgisch jaar genoemd) van de rooms-katholieke kerk loopt niet gelijk met het kalenderjaar. Het wordt ingedeeld in twee kringen rond de grote feestdagen van Kerstmis en Pasen. Het kerkelijk jaar start met de kersttijd of kerstkring, die aanvangt met de eerste zondag van de advent (eigenlijk het avondgebed voorafgaand aan deze zondag) en over Kerstmis heen gaat tot aan de zondag na het hoogfeest van de Openbaring des Heren (Driekoningen). Dan start de paaskring die aanvangt op aswoensdag, over Pasen heen gaat en 50 dagen na Pasen eindigt met Pinksteren. De zondag daarop volgt het hoogfeest van de drie-eenheid (ook wel het Drievuldigheidszondag of Trinitatis genoemd) met daarna de 27 zondagen door het jaar, eindigend met de zondag van Christus Koning. Het kerkelijk jaar is hiermee te beschouwen als een soort eigen tijdsrekening waarin de kerk de gebeurtenissen uit het leven van Jezus naar voren haalt.     
terug

Kerstmis
Kerstmis is het hoogfeest waarop we de geboorte van Jezus Christus vieren. Het woord "kerstmis" komt van het Middelnederlandse "Kerstesmisse"; "Kerstes" duidt op Christus en "misse" op mis: "Christusmis" dus. Het hoogfeest van Kerstmis wordt elk jaar op 25 december gevierd.     
terug

Kersttijd
De kersttijd is de tijd die duurt van de eerste zondag van de advent (eigenlijk het avondgebed voorafgaand aan deze zondag) en over Kerstmis heen gaat tot aan de zondag na het hoogfeest van de Openbaring des Heren (Driekoningen), het feest van de doop van de Heer.     
terug

Kinderwoorddienst
Een kinderwoorddienst is een viering van het woord speciaal voor kinderen. Deze viering parallel aan de dienst van het woord tijdens een eucharistieviering plaats. Na het welkom en de inleiding van de eucharistieviering worden kinderen uitgenodigd om naar een andere ruimte te gaan waar het schriftwoord van de betreffende zondag aan hen wordt verteld en toegelicht. Daarna wordt erover gepraat, gezongen, gebeden, getekend of een andere creatieve verwerking gemaakt waarna de kinderen weer terug gaan naar de reguliere viering.     
terug

Klooster
Klooster komt van het Latijnse woord "claustrum", dat "afgesloten ruimte" betekent. Het bestaat uit één of meer gebouwen waarin een groep of gemeenschap van mannen of vrouwen wonen, die hun leven aan God wijden.     
terug

Koor
Een koor is een groep zangers en/of zangeressen, doorgaans bestaande uit meerdere zangstemmen. Om van een koor te kunnen spreken wordt algemeen aangenomen dat de groep uit minstens twaalf zingende leden bestaat, die minstens in twee stemmen zingen. Een kleiner gezelschap wordt vaak een "ensemble" genoemd. De stemmen zijn de verschillende zangstemmen in de groep; meestal zingen koren vierstemmig: sopraan, alt, tenor en bas.     
terug

Koster
Koster komt van het Latijnse woord "custos", dat "bewaker" betekent; in Kerklatijn wordt een koster ook "sacrista"genoemd. Het is een persoon die, al dan niet bezoldigd, belast is met de dagelijkse zorg voor het kerkgebouw en het klaarzetten van de verschillende voorwerpen voor de liturgische eredienst. In de middeleeuwen en de vroege kerk waren kosters vaak priesters of geestelijken met een lage wijding. Tot het Tweede Vaticaans Concilie was de eerste van de lagere wijdingen die tot koster, daarna volgden de wijdingen tot lector en acoliet.     
terug

Kruisteken
Het kruisteken is het belangrijkste herkenningsteken van christenen onder elkaar. Zegenen gebeurt vaak door over een persoon of voorwerp het tekengebaar te maken in de vorm van een kruis. Door het maken van een kruisteken zegent een gelovige zichzelf, terwijl hij zegt: "In de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest".     
terug

Kruisverheffing
Het feest van de kruisverheffing is de dag waarop de kruisvinding wordt herdacht. Het wordt gevierd op 14 september. Vroeger werd op deze dag het kruis omhoog geheven om aan het volk te laten zien, daar komt de naam vandaan. Het heffen van het kruis gebeurt ook in de liturgie van Goede Vrijdag. Het is één van de weinige feesten die in de oosterse en westerse kerken op dezelfde dag wordt gevierd. In de oosterse kerken hoort dit feest tot de 12 grootste feestdagen.
Het feest van de kruisverheffing wordt gevierd na de wijdingsdag van de Heilig Grafkerk in Jeruzalem (13 september) en vóór de gedachtenis van Onze Lieve Vrouw van de zeven Smarten (15 september).     
terug

Kruisweg
De kruisweg was de weg die Jezus in Jeruzalem is gegaan vanaf het paleis van Pilatus, waar hij was veroordeeld, naar de calvarieberg Golgotha, waar hij gekruisigd werd. Na de dood van haar zoon heeft Maria elke dag dezelfde weg afgelegd.
Er werden in de middeleeuwen speciale bedevaarten georganiseerd naar het heilige land om de kruisweg na te lopen. Ook het lopen van een nagebouwde of nageschilderde route elders werd een belangrijke godsdienstoefening, die uiteindelijk in 1751 officieel de vaste vorm kreeg van veertien staties. Het woord "statie" is afgeleid van het Latijnse woord "statio", dat "staan" of "stilstaan" betekent.
terug

     

L

Laatste Avondmaal
Het Laatste Avondmaal is de laatste maaltijd die Jezus met zijn leerlingen genoot. Het was de avondmaaltijd op het joodse paasfeest, waarop Jezus als hoofd van de tafel een stuk brood gaf aan alle deelnemers als teken van gemeenschap. Dit laatste feestmaal van Jezus werd zijn afscheidsmaaltijd.     
terug

Laatste communie
Naast de eerste communie bestaat er ook een laatste communie, ook wel "viaticum" genoemd. Het sluit aan bij een oude gewoonte van de kerk om ernstig zieke mensen de communie te geven als voedsel voor op reis, onderweg naar het eeuwige leven.     
terug

Lauden
Lauden komt van het Latijnse woord "laudare", dat "loven" betekent. De lauden is het traditionele ochtendgebed van de kerk, dat tegen zonsopgang wordt gebeden. Het gaat om het verheerlijken van de dag met behulp van gedichten. Samen met de vespers (het avondgebed) vormt de lauden de scharnierpunten waar het getijdengebed (het officiële gebed van de kerk) om draait.     
terug

Lectio divina
Lectio divina zijn de Latijnse woorden voor "goddelijke lezing". Het staat voor een vorm van biddend lezen die ook wel "geestelijke lezing" wordt genoemd. Meestal verloopt deze leesmethode in drie of vier stappen:

  • Lecti: het aandachtig en indringend lezen van de tekst;
  • Meditatio: het beschouwen en overwegen van de tekst;
  • Oratio: het gebed als antwoord op Gods stem.
  • (eventueel) Contemplatio: het in stilte verwijlen bij God

Deze leesmethode is ontwikkeld binnen de benedictijnse traditie. Het gaat om een soort proevend herkauwen van een tekstfragment. Monniken noemden dit vroeger "ruminatio", het Latijnse woord voor het (her)kauwen dat koeien met gras doen. Een tekst die je heeft geraakt wordt hierbij nog eens opnieuw bekeken, waarbij de deelnemer rustig associërend overweegt hoe het kwam dat hij of zij geraakt werd, wat dat eigenlijk was, en wat daarop haar of zijn antwoord zou kunnen zijn.     
terug

Lector
De Lector is een voorlezer van de schrift in de liturgie. Dat gebeurt vanaf de ambo of lezenaar. Oorspronkelijk was de functie van lector een van de lagere wijdingen van priesterkandidaten. De taak is nu veelal op leken overgegaan. Hij of zij vertegenwoordigt hierbij de gelovige gemeenschap.     
terug

Leerhuis
Het begrip "leerhuis" is afkomstig uit de Joodse traditie. In een leerhuis komen gewone mensen bij elkaar om teksten uit de bijbel te leren begrijpen met de bedoeling er leefregels in te ontdekken voor hun eigen leven.     
terug

Liturgie
Liturgie komt van het Griekse woord "leitourgia", dat "volksdienst" betekent. Het is het geheel van voorgeschreven gebeden, ceremoniën en handelingen die samen een kerkelijke eredienst uitmaken. Koorleden, lectoren, acolieten, collectanten en vele anderen hebben hierin een taak. Samen zorgen zij binnen de liturgische vieringen voor een goed samenspel.     
terug

Liturgische kalender
De kerk heeft een eigen kalender of tijdrekening. Deze wordt het kerkelijk jaar genoemd. Deze begint op de eerste zondag van de advent en duurt tot en met het feest van Christus, Koning van het heelal. Hierbij wordt de liturgische kalender uit het Directorium voor de Nederlandse kerkprovincie gevolgd.     
terug

Liturgische kleding
Er zijn verschillende vormen van liturgische kleding. Acolieten dragen een eenvoudige gebedsmantel of toga. Priesters, pastoraal werkers en diakens zijn te herkennen aan een kleur. Zij dragen respectievelijk een gekleurd bovenkleed of kazuifel (priester), een schouderkleed of sjaal (pastoraal werker) of een dalmatiek (diaken).

     
terug

Liturgische kleuren
     
terug

Lofzang
Een lofzang of loflied is een gezang dat de grootheid van God bezingt en de dingen die hij tot stand brengt. Een bekende lofzang is de lofzang van Maria, het "magnificat". Lofzangen zijn vaste onderdelen van het getijdengebed.
terug

     

M

Maria
Maria is de moeder van Jezus. Ze is een voorbeeld voor alle gelovigen omdat ze de juiste geloofshouding had. Er zijn verschillende dagen in het jaar waarop de kerk speciaal aan Maria denkt, de Mariafeesten. Zo vieren we bijvoorbeeld het hoogfeest van Maria-Boodschap (25 maart) en het hoogfeest van Maria-Tenhemelopneming (15 augustus).     
terug

Mariafeesten
De Mariafeesten zijn feestdagen waarop de kerk speciaal aan Maria denkt. Deze feestdagen volgen in grote lijnen de feestdagen van Jezus: de geboorte van Jezus wordt gevierd en dus ook de geboorte van Maria en de viering van de hemelvaart van Jezus leidde tot de viering van Maria-Tenhemelopneming, et cetera. Vier belangrijke dagen uit het leven van Maria zijn door de kerk aangewezen als hoogfeesten waarop Maria speciaal vereerd wordt: Maria-Lichtmis (2 februari), Maria-Boodschap (25 maart), Maria-Tenhemelopneming (15 augustus) en Maria-Geboorte (8 september).     
terug

Mariaverering
Maria wordt in de rooms-katholieke kerk op een bijzondere manier herdacht. Allereerst gebeurt dat in de maanden mei (Mariamaand) en oktober (rozenkransmaand) Gelovigen hebben eeuwenlang de hulp van Maria ingeroepen. Zij heeft allerlei titels gekregen op grond van kwaliteiten die haar werden toegedacht: Maria, de zoete moeder, Sterre der zee, de moeder van smarten, troosteres van de bedrukten, koningin van de apostelen, et cetera. In Tongeren, de bakermat van het christendom in onze streken, worden elke zeven jaar de Kroningsfeesten gevierd ter ere van Maria, Oorzaak Onzer Blijdschap.
Meer info:
Kroningsfeesten     
terug

Martelaar
Martelaar komt van het Griekse woord "martyros", dat "getuige" betekent. Een martelaar is iemand die getuigenis aflegt van zijn geloof in Christus en vrijwillig zijn leven offert.     
terug

Messias
Messias komt van het Hebreeuwse woord "masjiach", dat "gezalfde" betekent. In het Latijns wordt dit vertaald als "Christus". Deze titel wordt in de Hebreeuwse bijbel voor drie soorten personen gebruikt: profeten, hogepriesters en koningen. Later is men deze titel als eigennaam gaan gebruiken voor de gezalfde bij uitstek: Jezus Christus.     
terug

Mis
De mis is een ander woord voor de liturgische viering waarin het sacrament van de eucharistie centraal staat.     
terug

Misdienaar
Zie acoliet     
terug

Missaal
Het missaal is het boek waarin alle gebeden voor de eucharistieviering (mis) in het jaar zijn opgenomen. Er bestaat een altaarmissaal en een volksmissaal.     
terug

Monstrans
Monstrans komt van het Latijnse woord "monstrare", dat "tonen" betekent. Het is een houder waarin de gewijde hostie wordt getoond.
terug

     

N

Nachtmis
De nachtmis was de eerste van de drie missen die vroeger met Kerstmis werden gevierd. De gewoonte om drie missen te vieren is in Rome ontstaan en wijst op het belang van het feest. Paus Gregorius de Grote (590-604) vierde eerst een mis op de vooravond van Kerstmis (vigilie) in de Santa Maria Maggiore te Rome. De tweede mis volgde ’s morgens in de Santa Anastasia in het centrum van de stad en de derde overdag in de Sint-Pietersbasiliek in het Vaticaan. Ze staan in het missaal als nachtmis, dageraadsmis en dagmis geduid. In de middeleeuwen werd gezocht naar een bijzondere betekenis van de drievoudige kerstviering en deze werd gevonden in de teksten van het missaal. De introïtus, ofwel de openingstekst, van de nachtmis zegt: "De heer sprak: Gij zijt mijn zoon. Ik heb u heden verwekt". De dageraadsmis begint met: "Een helder licht straalt heden over ons" en de dagmis met: "Een kind is ons geboren". Dit duidt op de drievoudige geboorte van Christus. Hij komt van eeuwigheid voort uit de Vader als Zoon van God, Hij wordt geboren in de harten van de gelovigen en hij is historisch gezien in Betlehem ter wereld gekomen.     
terug

Nieuwe Testament
Zie Tweede Testament     
terug

Noveen
Noveen komt van het Latijnse woord "novem", dat "negen" betekent. Een noveen is een gebed dat gedurende negen opeenvolgende dagen gebeden wordt. Na de hemelvaart van Jezus brachten de apostelen, samen met Maria, negen dagen door in gebed. Hieruit ontstond in de kerk de gewoonte om negen dagen te wachten op en te bidden om de Geest. Als ondersteuning zijn er in veel kloosters en kapellen noveenkaarsen te koop.
terug

     

O

Oecumene
Oecumene is afgeleid van het Griekse woord "oikoumenè", dat "de bewoonde wereld" betekent. Wanneer verschillende kerken over oecumene praten, bedoelen ze de toenadering tot elkaar, en de punten waarop zij met elkaar willen samenwerken. In de brede betekenis kan dit gezien worden als een streven naar wereldwijde religieuze eenheid (eenheid van alle christelijke kerken). In de smallere betekenis bevordert de oecumene de eenheid, samenwerking of het onderlinge begrip tussen de diverse religieuze groepen of denominaties binnen een religie.     
terug

Offerande
De offerande is het gedeelte van de eucharistieviering waarin de gaven van brood en wijn worden aangeboden. Gewoonlijk gebeurt dat tegelijkertijd met de collecte. Het gaat hierbij vooral om de symbolische betekenis van brood en wijn. Deze zijn door God geschapen, zijn voortgekomen uit de aarde en nodig om te leven. Deze gaven worden aan God opgedragen, daartoe worden ze omhoog geheven, soms ook bewierookt, en begeleid door een offerandezang.     
terug

Offergave
Zie Intentie     
terug

Olie
Zie Heilige Olie     
terug

Oliesel
Het oliesel is een oude benaming van het sacrament van de ziekenzalving. Hierbij wordt "olie der zieken" gebruikt (Oleum Infirmorum, afgekort tot O.I.). Dat is één van de drie heilige olieën die in de kerk worden gebruikt. De andere twee zijn de catechumenenolie en het chrisma.     
terug

Omega
Omega is de laatste letter van het Griekse alfabet. In combinatie met alpha (de eerste letter) verwijst omega naar God, die "het begin en het einde" is (Openbaring 21, 6). De letters alpha en omega staan altijd weergegeven op de paaskaars, symbool van Christus.     
terug

Onze Vader
Het Onze Vader (of het gebed des Heren) is het gebed dat Jezus aan zijn leerlingen heeft geleerd, toen ze hem daarnaar vroegen. Het gebed bestaat uit zes wensen. Na de aanroeping ("Onze Vader") richten de eerste drie wensen zich rechtstreeks tot God ("Uw naam", "Uw rijk", "Uw wil"). De laatste drie gaan over de mens ("ons dagelijks brood", "onze schulden" en "verlos ons").     
terug

Openbaring des Heren
Het hoogfeest van de Openbaring des Heren (of "Epifanie") dateert al uit de 2e of 3e eeuw. Het is daarmee ouder dan Kerstmis, dat pas vanaf de 4e eeuw gevierd wordt. De kerk van Rome heeft het feest van de Openbaring des Heren vooral gemaakt tot het feest van de aanbidding der wijzen. Volgens een legende uit de Middeleeuwen waren deze wijzen drie oosterse koningen: Caspar, Melchior en Balthasar. In de volksmond wordt dit feest daarom driekoningen genoemd.     
terug

Orde (kloosterorde)
Een (klooster)orde is een religieus instituut waarvan de leden de "plechtige geloften" hebben afgelegd. Alle ordes zijn gesticht vóór 1540 (vóór de stichting van de orde van de jezuïeten).
terug

Oude Testament
Zie Eerst Testament
terug

     

P

Paaskaars
De paaskaars is een grote kaars die symbool staat voor Christus, het "licht van de wereld". Elk jaar wordt tijdens de paaswake een nieuwe paaskaars (voorzien van een jaartal) de kerk binnengedragen. De paaskaars is versierd met allerlei tekens, zoals de Griekse letters alpha en omega (begin en einde) en vijf wierookkorrels (de vijf kruiswonden).     
terug

Paastijd
De paastijd duurt vanaf de zondag van de verrijzenis tot en met de zondag van Pinksteren (50 dagen). Deze gewoonte is overgenomen van de Joodse feestkalender: het Joodse oogstfeest "Sjavoeot" (wekenfeest) moet volgens de Thora zeven weken (zeven maal zeven dagen) na Pesach gevierd worden. Ons woord Pinksteren komt van het Griekse woord "pentíkostos", dat "vijftigste" betekent. Pinksteren betekent dus eigenlijk: "vijftigste paasdag". De vijftig dagen van de Paastijd worden in vreugde en blijdschap gevierd als één feestdag, ja zelfs als één grote zondag. Op deze dagen wordt de eerste lezing in de eucharistieviering telkens genomen uit de handelingen der apostelen, over het ontstaan van de jonge kerk. Ook wordt het alleluia gezongen en staat de paaskaars op het priesterkoor.     
terug

Paastriduüm
Het paastriduüm is een andere naam voor de drie dagen (triduüm) waarin het lijden, de dood en de verrijzenis van Christus worden herdacht: het paasfeest. Het triduüm begint met de eucharistie op de avond van Witte Donderdag. De tweede dag is de herdenking van "het lijden en sterven van de heer": Goede Vrijdag. De paaswake wordt gevierd na het invallen van de duisternis en met de vespers van paaszondag wordt het paastriduüm afgesloten.     
terug

Paaswake
De paaswake is de kerkelijke viering in de avond of nacht waarmee het hoogfeest van Pasen begint. We blijven wakker en "houden de wacht" of "waken" tot het nieuwe licht verschijnt. De mensen in de kerk zitten in het donker en begroeten het licht van Christus. Ze verspreiden het licht door hun kaars aan te steken aan een speciale kaars: de paaskaars.     
terug

Palmpaasstok
PalmpaasstokEen palmpaasstok is een stok gemaakt in de vorm van een houten kruis (verwijzing naar Goede Vrijdag), voorzien van allerlei voorjaarssymbolen zoals eieren, pruimen, rozijnen, slingers, et cetera (verwijzing naar Pasen), met in de top een palmtakje (verwijzing naar Palmzondag) en daar bovenop een broodhaantje (verwijzing naar Witte Donderdag). Na een viering in de kerk brengen kinderen de door hen gemaakte stok naar mensen die vanwege hun leeftijd of gezondheidstoestand niet naar de kerk kunnen komen.     
terug

Palmpasen
Palmpasen is de populaire naam voor palmzondag, de zondag waarmee de Goede Week begint.     
terug

Palmzondag
Palmzondag (in het Latijn: "Dominica in Palmis"), ook wel palmpasen genoemd, is de laatste zondag van de vastenperiode (de zondag vóór Pasen), de eerste dag van de Goede Week. Op Palmzondag wordt de blijde intocht van Jezus Christus in Jeruzalem gevierd. In de kerk worden palmtakjes gezegend en in processie rondgedragen. Volgens oud gebruik maken kinderen een palmpaasstok, die zij naar mensen brengen die vanwege hun leeftijd of gezondheidstoestand niet naar de kerk kunnen komen.     
terug

Parakleet
Parakleet komt van het Griekse woord "Parakletos", met als oorspronkelijke betekenis "aan iemands zijde gevraagd", "iemand die erbij geroepen wordt". Dit gebruik ontwikkelde zich in de zin van "helper in de rechtbank" maar niet als advocaat of professionele adviseur. Vandaar de latere vertaling "pleitbezorger" (of soms: "helper"). In het Nieuwe Testament werd het oorspronkelijk vertaald als Trooster, later dus als Pleitbezorger. In het Evangelie volgens Johannes duidt de term de Heilige Geest maar ook Jezus Christus aan.     
terug

Parochie
Parochie komt van het Griekse woord "paroikía", dat "buur" betekent. Een parochie is een lokale gemeenschap van gelovigen, die samenkomen in de parochiekerk. Omdat christenen meestal in een bepaald gebied of territorium wonen, wordt met het woord parochie vaak een gebied bedoeld. Er zijn echter ook parochies die voor specifieke doelgroepen zijn opgericht, voor studenten bijvoorbeeld, of voor Antillianen of Polen in ons land.     
terug

Pasen
Pasen is het belangrijkste christelijke feest (een hoogfeest) in het kerkelijk jaar, volgend op de Goede Week. Christenen vieren deze dag vanuit hun geloof dat Jezus uit de dood is opgestaan, op de derde dag na zijn kruisiging. Pasen wordt gevierd op de eerste zondag en maandag ná de eerste volle maan in de lente. Beide dagen worden wel afzonderlijk eerste en tweede paasdag of paaszondag en paasmaandag genoemd. Het christelijke Pasen verwijst ook naar de vijftig dagen durende periode van het kerkelijke jaar vanaf het paasfeest tot Pinksteren. De periode van het paasfeest tot Hemelvaartsdag duurt veertig dagen.     
terug

Passieviering
Het woord "passie" verwijst naar het lijden van Jezus Christus op zijn laatste dag. De gang door Jeruzalem met het kruis op zijn rug, de kruisiging en tenslotte zijn sterven. In de passieviering staat dit verhaal centraal.     
terug

Passiezondag
Passiezondag is de oude benaming voor palmzondag.     
terug

Pastoor
Een pastoor is een priester die de leiding over een parochie heeft en aan wie het pastoraat in een parochie is toevertrouwd. Hij wordt door de bisschop benoemd.     
terug

Pastor
Pastor is het Latijnse woord voor "herder". Iedereen die pastoraal werk doet, wordt pastor genoemd. Een pastor kan iemand zijn die tot priester of diaken is gewijd maar ook pastoraal werkers en werksters worden vaak pastor genoemd, omdat zij een deel van het pastoraat verzorgen.     
terug

Pastoraal werker
Een pastoraal werker is iemand die zonder priester- of diakenwijding professioneel werkzaam is in het pastoraat. Een pastoraal werker is professioneel in functionele zin maar leek in de kerkelijk-hiërarchische zin. De functie van pastoraal werker is geen ambt in de kerkelijke hiërarchie, wel ontvangt de pastoraal werker een zending van de bisschop.     
terug

Pastoraat
Pastoraat is een ander woord voor de pastorale zorg, een verzamelwoord voor al het werk dat door pastores wordt gedaan.     
terug

Pateen
Pateen komt van het Latijnse woord "patina", dat "schaal" betekent. De pateen is een platte, ronde schaal waarop tijdens de mis de hostie wordt gelegd en later daarop gebroken. Samen met de kelk behoort de pateen tot het heilige vaatwerk dat in de kerk wordt gebruikt.     
terug

Paulus
Paulus is de Latijnse vorm van de Hebreeuwse naam Saul, de naam van de eerste koning der Israëlieten. Saulus betekent letterlijk "hij om wie gebeden is". De apostel Paulus was een leider van de vroege christelijke kerk en speelde een centrale rol in de vroege ontwikkeling en verspreiding van het christendom in de gebieden rondom de Middellandse Zee, in het bijzonder in Klein-Azië en Griekenland. Mede door Paulus' rol in de verspreiding van het christelijke evangelie kon de beweging uitgroeien tot de wereldreligie die het nu is. Paulus studeerde bij de wijze rabbi Gamaliël en bestreed aanvankelijk de opvattingen van Jezus en zijn volgelingen. Er voltrok zich bij hem een wonderlijke bekering: onderweg naar Damascus, om christenen gevangen te nemen, kreeg hij een visioen. Vanaf dat moment was hij een aanhanger van het christelijk geloof (Hnd 22).     
terug

Paus
De paus is het hoofd van de rooms-katholieke kerk. De benaming paus is afkomstig van het Oudgriekse woord "pappas", later gelatiniseerd tot "papa", in de betekenis van "vader". De titel "papa" wordt ook wel opgevat als een acroniem van het Latijnse "Petri apostoli potestatem accipiens" ("van de apostel Petrus de macht ontvangend"). De regeerperiode van een paus wordt pontificaat genoemd. De paus draagt de titels "Plaatsbekleder van Jezus Christus op aarde", "de opvolger van de heilige Petrus", "de bisschop van Rome" en "het hoofd van de rooms-katholieke kerk". Tevens is hij is het staatshoofd van Vaticaanstad, het kleinste land ter wereld. In de uitoefening van zijn functie wordt de paus bijgestaan door de organen en instellingen van de Romeinse curie. Buiten Rome wordt de paus vertegenwoordigd door nuntii bij regeringen en door apostolische delegaten in landen die geen diplomatieke betrekkingen onderhouden met de heilige stoel.
Meer info:
Vaticaanstad     
terug

Permanent diaken
Een permanent diaken is iemand die de laagste graad van het wijdingssacrament heeft ontvangen met de bedoeling blijvend diaken te blijven. In veel gevallen betreft het een gehuwde man. Vele permanent diakens blijven voor hun levensonderhoud na hun wijding hun beroep uitoefenen. Er zijn ook diakens die zich vrijmaken voor hun ambt en zending, in dat geval worden zij er ook voor bezoldigd.     
terug

Petrus
Petrus betekent letterlijk "rots’" Volgens het evangelie van Johannes kreeg Simon, zoals Petrus eerst heette, bij de eerste ontmoeting met Jezus direct de Aramese bijnaam "kefas", wat in het Grieks "petros" en het Latijn "petrus" is. De andere evangelisten vertellen dat hij deze naam kreeg toen hij openlijk in Jezus de messias erkende (Mt 16,13-20). Bij die gelegenheid ontving Petrus van Jezus (symbolisch) de sleutels van het rijk der hemelen. De attributen waarmee Petrus dikwijls wordt afgebeeld zijn dan ook sleutels. Petrus was de eerste leerling van Jezus. Na de verrijzenis van Jezus nam hij de leiding van de gemeenschap in Jeruzalem op zich. Later kwam hij, evenals Paulus, in Rome terecht en onderging hij de marteldood onder keizer Nero.     
terug

Pinksteren
Met Pinksteren viert de kerk het hoogfeest van de Heilige Geest, de derde persoon van de drie-eenheid. Pinksteren valt op de vijftigste dag van Pasen. Herdacht wordt dat de gaven van de heilige geest aan de leerlingen werden geschonken en de kerk is begonnen.     
terug

Priester
Een priester is een man die door een bisschop is gewijd voor het kerkelijk dienstwerk. Mannen die priester willen worden krijgen hun vorming in een seminarie.     
terug

Priesterkoor
Het priesterkoor is de ruimte rond het altaar die door een verhoging, koorhek of doksaal van de rest van de kerk is afgescheiden. Deze ruimte is volgens traditie alleen bestemd voor degenen die een rol spelen in de liturgie: priester, diaken, lector, cantor en acoliet of misdienaar.     
terug

Processie
Een processie is een stoet biddende en zingende mensen. Processies worden zowel binnen als buiten de kerk gehouden. Op Palmzondag vindt in de kerk een processie plaats met palmtakken. De belangrijkste openbare processie is op sacramentsdag waarbij de hostie in een monstrans wordt rondgedragen onder een baldakijn.     
terug

Profeet
Profeet komt van het Griekse woord "profètès", dat letterlijk "spreken voor of namens een ander" betekent. Een profeet is een "geroepene", iemand die zijn mond durft open te doen en spreekt namens God. In de bijbel protesteren profeten meermaals tegen sociaal onrecht en valse godsdienstigheid. Christenen hebben in Jezus de vervulling van de belofte gezien, waar de vroegere profeten over spraken.     
terug

Psalmen
Psalmen zijn bijbelse gedichten. In de bijbel staan 150 psalmen, verdeeld over vijf bundels. Deze gedichten gaan over vreugde, verdriet, goed, kwaad, wanhoop en vertrouwen van mensen, van alle tijden en plaatsen. Door alle gedichten heen klinkt er het geloof in God. Psalmen worden gebeden of gezongen. Ze spelen een belangrijke rol in de liturgie en vormen het hoofdbestanddeel van het getijdengebed.     
terug

Pyxis
Een pyxis is een gesloten doosje waarin reeds gewijde hosties bewaard kunnen worden wanneer deze moeten worden meegenomen om de communie thuis aan te bieden. Vanaf de twaalfde eeuw werd de pyxis vervangen door de ciborie, deze vertoont gelijkenis met de kelk maar is gesloten met een deksel.
terug

     

R

Relikwie
Relikwie komt van het Latijnse woord "reliquia", dat "overblijfsel" betekent. Een relikwie bestaat uit een deel van het lichaam van een heilige of een voorwerp dat met hem of haar in aanraking is geweest. Vaak worden relikwieën bewaard in kostbare reliekschrijnen die soms ter verering worden uitgestald.     
terug

Rozenhoedje
Het rozenhoedje is een andere naam voor het bidden met de rozenkranssnoer, waarbij het gebedssnoer éénmaal rondgegaan wordt. Het volledige rozenkransgebed omvat drie rozenhoedjes.     
terug

Rozenkrans
Een rozenkrans is een gebedssnoer van vijfmaal tien kralen, telkens onderbroken door een grote kraal en voorafgegaan door een kruisje plus één grote, drie kleine en wederom één grote kraal. Het dient als hulpmiddel voor het uitvoeren van rozenkransgebed of het rozenhoedje. Tijdens het bidden van de rozenkrans wordt het leven, het lijden en de verrijzenis van Jezus overwogen.
De oorsprong van het rozenkransgebed moet worden gezocht in de vervanging van het monastieke psalmgebed: het bidden van 150 maal een Weesgegroet is in feite een vereenvoudiging voor het gewone kerkvolk dat de 150 psalmen niet uit het hoofd kon opzeggen, zoals de kloosterbroeders dat wel konden. Eerst werd er vooral 150 maal een Onze Vader gebeden, later werd hieraan de devotie tot Maria verbonden.
Gebedswijze van de katholieke rozenkrans (zie afbeelding):
1. Kruisteken, geloofsbelijdenis
2. Onze Vader
3. Drie Weesgegroetjes
4. Eer aan de vader
5. vijf groepen van tien ("tientjes") met elk een Onze Vader, tien Weesgegroetjes en een Eer aan de vader
terug

     

S

Sacrament
Sacrament komt van het Latijnse woord "sacramentum", dat "(geloofs)geheim" betekent. Een sacrament is een gewijde handeling in het christendom waardoor God komt tot de mens. In die zin staat een sacrament tegenover gebed en offer, waarin de mens nadert tot God. Verschillende sacramenten markeren een belangrijk moment in het leven van de gelovigen. De rooms-katholieke kerk definieert een sacrament als een directe handeling van Jezus Christus, die teruggaat op zijn woord en leven. De rooms-katholieke kerk kent zeven sacramenten: het doopsel, de heilige communie of eucharistie, het vormsel, de boete en verzoening, de ziekenzalving, de priesterwijding en het huwelijk.     
terug

Sacrament van de eucharistie
Eucharistie is het Grieks woord voor "dankzegging". Het sacrament van de eucharistie is het sacrament waarin brood en wijn gewijd worden door de instellingswoorden die Jezus tijdens het laatste avondmaal uitgesproken heeft: "Dit is mijn lichaam, dit is mijn bloed". Met de tekenen van brood en wijn wordt de laatste maaltijd die Jezus voor zijn dood met zijn volgelingen hield in herinnering gebracht. In tekenen van brood en wijn komt Jezus tegenwoordig bij zijn volgelingen. Iemand die voor de eerste keer deelneemt aan deze "maaltijd des Heren", doet zijn of haar eerste communie.     
terug

Sacrament van de ziekenzalving
Het sacrament van de ziekenzalving is een hulp om hoopvol te kunnen leven in de levensfases die zieke of ouder wordende mensen moeten doormaken. Vroeger werd dit het "sacrament van het oliesel" genoemd. Dit sacrament verwijst ook naar het lijden en sterven van Christus. De ziekenzalving wordt toegediend wanneer mensen het einde van hun leven voelen naderen, vaak in combinatie met de laatste communie, het "viaticum" genoemd. Naast het sacrament van de ziekenzalving kent de kerk ook nog de ziekenzegen.
Meer info:
www.ziekenzalving.nl     
terug

Sacramentsdag
Op sacramentsdag wordt de instelling van de eucharistie, die we op Witte Donderdag vieren, nog eens op een feestelijke manier gevierd. Witte Donderdag valt in de Goede Week, waarin het lijden van Jezus herdacht wordt, dan is er weinig ruimte voor een feest. Om die reden wordt de instelling van de eucharistie nogmaals gevierd op sacramentsdag, de tweede donderdag na Pinksteren.     
terug

Seminarie
Seminarie komt van het Latijnse woord "seminarium", dat "kweekschool" betekent. Het is de naam van het instituut waar de godsdienstige vorming van mannen plaatsvindt, die zich geroepen voelen tot één van de ambten in de kerk.     
terug

Stipendium
Een stipendium is een aalmoes die of een geschenk dat via een priester aan God wordt geschonken. Vroeger gaven gelovigen vaak geschenken in nature, tegenwoordig bestaat een stipendium meestal in de vorm van een geldbedrag.
terug

     

T

Tabernakel
Het tabernakel is het gesloten kastje dat zich op het hoofd- of zijaltaar bevindt en waarin gewijde hosties bewaard worden.     
terug

Transeunt diaken
Een transeunt diaken is een diaken die de laagste graad van het wijdingssacrament heeft ontvangen met de bedoeling later tot priester te worden gewijd. Het woord "transeunt" betekent "overgang".     
terug

Trinitatis
Trinitatis (of Drievuldigheidszondag) is een andere naam voor het hoogfeest van de drie-eenheid.     
terug

Tweede Testament
Het Tweede (of Nieuwe) Testament is het deel van de bijbel dat christenen aan de Joodse bijbel hebben toegevoegd. Het gaat over het leven van Jezus (de evangelieën) en wat er daarna gebeurde (handelingen der apostelen, de brieven en de apocalyps).     
terug

Tweede Vaticaans Concilie
Het Tweede Vaticaans (Oecumenisch) Concilie, ook wel bekend als Vaticanum II, duurde van 11 oktober 1962 tot 8 december 1965. Hij werd door paus Johannes XXIII bijeengeroepen. Na de dood van deze paus werd het concilie onder paus Paulus VI voortgezet. Nieuw aan dit concilie was de aanwezigheid van waarnemers van verschillende kerken.
Meer info:
Dossier: Vaticanum II
terug

     

U

Uitvaart
Een uitvaart is het afscheid van een overledene in de kerk, waarin de gemeenschap de laatste eer aan de overledene bewijst. De overledene wordt uit handen gegeven en overgedragen aan Gods barmhartigheid. In de kerk wordt een verbinding gelegd tussen Gods woord en het leven van de mens van wie afscheid wordt genomen, en er wordt gezocht naar een evenwicht tussen aandacht voor de overledene en het dankzeggen aan God. Een uitvaart eindigt met de "laatste aanbeveling ten afscheid". Hierbij wordt het lichaam met wijwater besprenkeld, bewierookt en uit de kerk gedragen. Dit laatste gebed heeft de betekenis van een "adieu", een vaarwel tot God. De uitvaart wordt gevolgd door een begrafenis of crematie.
terug

     

V

Vasten
Vasten houdt in dat je gedurende een bepaalde tijd bewust minder voedsel en drinken tot je neemt. Vasten is van alle tijden en van alle culturen. Het bijbelse vasten is niet bedoeld om af te vallen of te "ontslakken", hoewel dit wel het effect ervan kan zijn, maar dient religieuze en spirituele redenen. Er zijn hierbij drie motieven te onderscheiden:

  • Door te vasten ga je helderder denken, scherper zien. Je laat materiële lasten en genoegens los en gaat openstaan voor spirituele ervaringen. Vasten is voor veel gelovigen een manier om dichter bij God te komen maar ook dichter bij zichzelf.
  • Door te vasten kweek je discipline en zelfdiscipline. Je wordt weerbaarder en leert nee te zeggen tegen allerlei zaken die je eigenlijk niet nodig hebt.
  • Door te vasten ondervind je aan den lijve wat het is om honger te hebben. Je leert je te verplaatsen in de situatie van mensen die aan voedsel en andere zaken gebrek hebben. Zo nodigt vasten uit tot solidariteit, tot delen met de ander. Vooral dit laatste motief speelt een rol in de zogenaamde vastenactie, waarin aandacht wordt gevraagd voor kleinschalige, duurzame projecten in de derde wereld.

Meer info:
Vastenactie     
terug

Veertigdagentijd
De veertigdagentijd is de voorbereidingstijd op Pasen. Vroeger werd deze periode ook wel "vastentijd" genoemd. De veertigdagentijd begint op aswoensdag en duurt tot Pasen. Dat zijn eigenlijk geen veertig maar zesenveertig dagen, maar de zondagen worden niet meegerekend want dat is de dag waarop de verrijzenis van Christus al wordt gevierd. Veertig is een belangrijk getal in de bijbel: veertig is het getal van de verwachting, de voorbereiding, boete, inkeer, bezinning en vasten.

  • 40 dagen en nachten duurde de zondvloed.
  • 40 jaren trokken de Israëlieten door de woestijn vóór ze het beloofde land binnen gingen.
  • 40 dagen verbleef Mozes op de berg Sinaï.
  • 40 dagen lang daagde de Filistijn Goliat de Israëlieten uit totdat David tegen hem ten strijde trok.
  • 40 dagen preekte Jona boete aan de inwoners van Ninivé als teken van berouw (Jona 3,5.7).
  • 40 dagen en 40 nachten lang vastte Jezus, na de doop in de Jordaan, in de woestijn om zich voor te bereiden op zijn verkondiging (Mt 4,2).
  • 40 dagen lang verscheen Jezus na zijn verrijzenis aan zijn leerlingen en sprak met hen.

De veertigdagentijd wordt soms ook de "christelijke ramadan" genoemd, want bij de veertigdagentijd hoort vasten.
Meer info:
Veertigdagentijd     
terug

Verrijzenis
Onder verrijzenis (of opstanding) wordt het herrijzen van een persoon uit de dood verstaan. In de drie Abrahamitische religies (jodendom, christendom en islam) bestaat de opvatting dat er een algemene opstanding van de mensheid uit de dood zal plaatsvinden aan het einde van de wereld, het einde der tijden. Op de dag des oordeels zullen "alle mensen" die zijn gestorven weer herrijzen om door God geoordeeld te worden.     
terug

Vespers
Vespers komt van het Latijnse woord "vesperus", dat "avondster" betekent. De vespers is het traditionele avondgebed van de kerk. Samen met de lauden (het ochtendgebed) vormt de vespers de scharnierpunten waar het getijdengebed (het officiële gebed van de kerk) om draait. Het is een rustpunt voor de avond die gaat komen. Zon- en feestdagen kennen twee vespervieringen: de eerste vespers wordt gebeden op de avond voorafgaand aan de zondag of het betreffende hoogfeest, de tweede vespers is dan het avondgebed op het feest zelf. De vespers bestaat uit een hymne, twee psalmen met antifonen, een lofzang uit het nieuwe testament met antifoon en een korte schriftlezing en daarna de lofzang van Maria (magnificat) met antifoon. De viering wordt besloten met gebeden.     
terug

Viaticum
Viaticum komt uit het Latijn en betekent letterlijk "hij schrijft de weg".Het viaticum, ook wel "teerspijze" of "wegspijze" genoemd, is de laatste communie die wordt toegediend aan iemand die in stervensgevaar verkeert. Het sluit aan bij een oude gewoonte van de kerk om ernstig zieke mensen de communie te geven als voedsel voor op reis, onderweg naar het eeuwige leven. Deze communie is feitelijk het laatste sacrament. Vaak wordt deze communie gegeven in combinatie met de ziekenzalving.     
terug

Vieringen
Alle liturgische vieringen in de kerk staan uiteindelijk in het teken van Pasen. Vanaf het eerste begin zijn christenen op de dag van de verrijzenis van de heer, de eerste dag van de week, de zondag, bij elkaar gekomen om Pasen te vieren. We kennen verschillende soorten godsdienstoefeningen:
1. Eucharistie
2. Vespers
3. Woord- en communieviering
4. Woord- en gebedsviering
5. Aanbidding     
terug

Vigilie
Vigilie komt van het Latijnse woord "Vigilia", dat "Waken" betekent. Hiermee wordt oorspronkelijk de nachtwake bedoeld die vroeger voorafging aan een kerkelijk hoogfeest. In 1951 heeft paus Pius XII de nachtwake met Pasen (paaswake) in ere hersteld.     
terug

Vis
Zie Ichthus.     
terug

Voorbede
Een voorbede is een gebed waarbij mensen uit de gemeenschap zelf aan het woord komen, meestal de lector. Het gebed vormt de overgang van de dienst van het woord naar de dienst van de tafel. Wanneer er geen dienst van de tafel volgt, worden de voorbeden afgesloten met het Onze Vader. In de voorbede kunnen ook bijzondere intenties worden opgenomen, dat zijn gebeden met een speciaal doel.     
terug

Vormsel
Het vormsel is het sacrament van de bevestiging. De bisschop of diens plaatsvervanger zalft het voorhoofd van een gedoopte (jong)volwassene met chrisma terwijl hij hem of haar de handen oplegt. Die symbolische gebaren duidt hij met de woorden: "ontvang het zegel van de Heilige Geest, de gave Gods". Dit drukt een stempel op het leven van de gevormde en bevestigt de keuze om bij de kerk te willen horen. Het vormsel wordt daarom ook wel eens het "sacrament van de volwassenwording" genoemd. Het geeft kracht om voor je geloof uit te komen. In Nederland en België is het de gewoonte dat jongeren vanaf ongeveer twaalf jaar dit sacrament ontvangen. Het vormsel is één van de drie initiatiesacramenten.
Het vormsel hoort bij de doop. In de Oosters-orthodoxe kerken vindt de toediening van het vormsel plaats direct na het doopsel. Het is een zelfstandig sacrament maar wordt meestal toch tijdens een eucharistieviering toegediend en wel direct na de geloofsbelijdenis (doopbelijdenis), waarmee de relatie tot de doop wordt gelegd. Evenals het doopsel kan men het vormsel slechts eenmaal ontvangen. Christenen uit de protestantse kerken worden door het ontvangen van het sacrament van het vormsel volledig opgenomen in de katholieke kerk.
Meer info:
www.vormsel.nl
terug

     

W

Weesgegroet
Het Weesgegroet (in het Latijn: "Ave Maria") is het bekende gebed tot Maria, ontleend aan een tekst uit het evangelie van Lucas.     
terug

Wierook
Het woord wierook is een verbastering van "wijrook" (rook om te wijden). Deze rook ontstaat door het branden van korrels hars (olibanum) van de wierookboom (Boswellia). Wierookwolken zijn een symbool voor gebeden die tot God opstijgen.     
terug

Wijding
Wijding is een ander woord voor zegening. Hierbij wordt een gebed rechtstreeks tot God gericht om personen een bijzondere zegen (genade) te verlenen, waardoor ze veranderen. Wijding gebeurt door handoplegging of door een kruisteken met een zegenformule.     
terug

Wijdingssacrament
Door het wijdingssacrament aanvaarden mannen een kerkelijk ambt. Het ambt kent drie graden: de wijding tot diaken, tot priester of tot bisschop. De wijding gebeurt door over de wijdeling Gods zegen af te roepen. Collega’s in het ambt leggen hierbij de nieuwe wijdeling de handen op.     
terug

Wijn
In de viering van de eucharistie wordt naast brood (hostie) ook wijn gebruikt. Deze moet gemaakt zijn van rode of witte druiven. Een oude gewoonte is om in de eucharistieviering een beetje water aan de wijn toe te voegen. We gedenken er het bloed van Jezus mee.     
terug

Wijwater
Wijwater is water waarover Gods zegen is afgeroepen en waarmee personen en voorwerpen worden gezegend. Eigenlijk is het doopwater. In de paasnacht wordt het water gezegend en apart gesteld voor de doop. In veel kerken wordt wijwater in speciale wijwaterbakjes, die bij de in- en uitgang van de kerk hangen, gedaan. Kerkgangers kunnen er wat van aan hun vingers nemen en zich ermee besprenkelen terwijl ze het kruisteken maken, als symbool voor uiterlijke en innerlijke reiniging.     
terug

Witte Donderdag
Witte Donderdag is de donderdag in de Goede Week. Met de avondviering van Witte Donderdag begint het paastriduüm. In deze avondviering wordt op plechtige wijze de instelling van de eucharistie herdacht. Het bijzondere van deze viering is dat ze eindigt zonder zegen. De gelovigen mogen namelijk blijven of terugkomen om te waken, zoals Jezus in de tuin van Getsemane aan zijn leerlingen vroeg om met hem te waken.     
terug

Woord- en communieviering
Een woord- en communieviering is een relatief recent ontstane vorm van een liturgische viering. Een zelfstandige communieviering kan niet zonder de viering van het woord en is te beschouwen als een vervolg op de eucharistie. De volgorde en vormgeving van een woord- en communieviering wijkt enigszins af van een eucharistieviering. Zowel de eucharistieviering als de woord- en communieviering beginnen na de opening met de dienst van het woord. Deze wordt doorgaans afgesloten met de voorbeden, waarna de dienst van de communie aanvangt. In een woord- en communieviering past geen eucharistisch gebed: het past niet om God te vragen het geheiligde brood nog een keer te heiligen. Dit betekent dat het Sanctus (heilig) als onderdeel van het eucharistisch gebed niet gezongen wordt. En ook het Agnus Dei (lam Gods) als gezang tijdens het breken van het brood wordt niet gezongen, omdat het brood al gebroken is. De dienst van de communie begint nu met de vredeswens en het Onze Vader als voorbereiding op de communie. Vervolgens wordt een dankgebed gebeden.     
terug

Woord- en gebedsviering
Karakteristiek voor een viering van woord en gebed (zoals op aswoensdag en Goede Vrijdag) is dat het altaar niet gebruikt wordt. Naast de viering van het woord wordt er gezongen en gebeden, met name tijdens de voorbeden. Er is veel tijd voor stilte, waarin de mens tot zichzelf kan komen.
terug

     

Z

Zalig
We wensen elkaar een zalig kerstfeest en nieuwjaar. Het woord "zalig" verwijst naar de kern van de verkondiging van Jezus. Hij noemde de armen van geest, de mensen die wisten wat verdriet was en de mensen die snakten naar gerechtigheid allemaal zalig. Jezus trok partij voor hen. "God wil dat alle mensen zalig worden en tot de kennis der waarheid geraken", schreef Paulus (1 Tim. 2, 4). Door het elkaar toe te wensen neem je al deel aan Gods heil, aan het eeuwige geluk.     
terug

Zegen
Zegen heeft oorspronkelijk de betekenis van heil of voorspoed. In de loop der tijd kreeg het ook betrekking op het uitspreken van een gebed waarmee men poogt iets of iemand heil of voorspoed te geven of voor een bepaald doel te wijden. Zegenen gebeurt door het uitspreken van een gebed in combinatie met het maken van een kruisteken.     
terug

Ziekenolie
OlievaatjeDe ziekenolie wordt gebruikt bij het sacrament van de ziekenzalving. Deze olie wordt bewaard in een speciaal olievaatje met daarop de letters "O.I." (= Oleum Infirmorum). Het is één van de drie heilige oliën die in de kerk worden gebruikt.     
terug

Ziekenzalving
Zie Sacrament van de ziekenzalving.     
terug

Ziekenzegen
De ziekenzegen omvat gebed en handoplegging maar kent geen zalving met de ziekenolie. De ziekenzegen kan door een diaken of pastoraal werker worden gegeven bij een ziekenbezoek. Er wordt gebeden dat de zieke Gods genezing, kracht, troost en bijstand mag ontvangen.     
terug

Zondag
Zondag komt van de Latijnse woorden "dies solis", die "dag van de zon" betekenen. Ook het Engelse "sunday" en het Duitse "Sonntag" zijn hier van afgeleid. De zondag wordt beschouwd als de eerste dag van de week, die wordt gevierd als "de dag van de heer" omdat Christus op die dag is verrezen. De belangrijkste zondag is Pasen. Elke zondag wordt Pasen opnieuw gevierd.
"Dag van de heer" vertaalt zich in het Latijn naar "dies dominica", waarvan het Franse "dimanche" en het Spaanse "domingo" zijn afgeleid.     
terug

Zondagen door het jaar
De zondagen buiten de paas- en kersttijd worden "zondagen door het jaar" genoemd. Deze periode wordt ook nog onderverdeeld in de zomerkring (Trinitatis en de 12 zondagen erna) en de herfstkring (van de 13e tot en met de 27e en laatste zondag na Trinitatis).     
terug

Zondagen van Pasen
De zondagen van Pasen zijn de zeven zondagen tussen Pasen en Pinksteren. Pasen is het belangrijkste feest en wordt daarom vijftig dagen lang gevierd. Deze hele tijd blijft de vreugde van Pasen naklinken.
terug